Wereldwijd leven naar schatting 2,9 miljoen mensen met Multiple Sclerosis (MS), een chronische aandoening waarbij het immuunsysteem de beschermlaag rond zenuwen aantast. Opvallend is dat ongeveer driekwart van de patiënten vrouw is. Waarom deze ziekte vrouwen zoveel vaker treft, is al jaren een raadsel, maar nieuw onderzoek biedt voorzichtig aanknopingspunten.
Wetenschappers van de University of Colorado hebben verschillen gevonden in de samenstelling van hersenvocht bij vrouwen met en zonder MS. Hoewel het onderzoek klein is, slechts zes deelnemers, kan het belangrijke inzichten opleveren in hoe de ziekte zich specifiek bij vrouwen ontwikkelt.
Het onderzoek richtte zich op het zogenoemde cerebrospinale vocht, de heldere vloeistof die de hersenen en het ruggenmerg omringt. Omdat dit vocht direct in contact staat met het centrale zenuwstelsel, kan het veranderingen in de hersenen weerspiegelen. Analyse van dit vocht liet zien dat bij vrouwen met MS 72 eiwitten verhoogd aanwezig waren, terwijl 46 eiwitten juist in lagere concentraties voorkwamen.
Opvallend is dat veel van de verhoogde eiwitten verband houden met immuunactiviteit, zoals de werking van microglia en macrofagen, cellen die betrokken zijn bij het opruimen van schadelijke stoffen en ziekteverwekkers. Tegelijkertijd bleken eiwitten die belangrijk zijn voor de aanmaak en het herstel van zenuwcellen juist afgenomen. Dat wijst erop dat niet alleen het immuunsysteem overactief is, maar ook het herstelvermogen van het zenuwstelsel wordt geremd.
Volgens endocrinoloog Kimberley Bruce passen deze bevindingen in een breder patroon. “Veel neurologische ziekten vertonen sekseverschillen”, zegt zij. “Door die beter te begrijpen, kunnen we ook de onderliggende mechanismen ontrafelen.”
Een mogelijke verklaring ligt in hormonale factoren. Vrouwen tussen de 30 en 40 jaar, een levensfase waarin hormonale schommelingen optreden door menstruatie en zwangerschap, krijgen drie keer zo vaak de diagnose MS als mannen. In het onderzoek werd onder meer een verhoogd niveau gevonden van een eiwit dat geslachtshormonen bindt, waardoor deze minder beschikbaar zijn voor het lichaam. Dat kan invloed hebben op het immuunsysteem en mogelijk bijdragen aan het ziekteproces.
Toch benadrukken onderzoekers dat het om voorlopige resultaten gaat. De steekproef is klein en de bevindingen moeten nog in grotere studies worden bevestigd. MS is bovendien een complexe aandoening waarbij genetische, omgevings- en immunologische factoren samenkomen. De hoop is dat deze inzichten uiteindelijk leiden tot gerichtere behandelingen, mogelijk zelfs therapieën die specifiek inspelen op sekseverschillen.
Bron: Science Alert