Een droogrek heeft geen stekker. Toch betekent dat niet dat iedere plek in huis even geschikt is om je was te drogen. In een verwarmde woonkamer kan binnenshuis drogen extra verwarmingsenergie vragen. En zonder goede afvoer blijft het vocht binnenshuis.
De beste plek is daarom niet simpelweg de warmste kamer. Het gaat om een combinatie van ruimte, ventilatie en het voorkomen van vochtproblemen.
Milieu Centraal adviseert om was bij voorkeur buiten op te hangen, of binnen in een onverwarmde ruimte met extra ventilatie. Buiten drogen kan ook als het koud is. Het seizoen alleen is dus geen reden om de waslijn af te schrijven.
Dat advies voor een onverwarmde ruimte is geen uitnodiging om een nat rek in een afgesloten, klamme kamer te zetten. De GGD benadrukt dat vocht moet kunnen verdwijnen en dat een woning voldoende warm moet blijven. Bij schimmel of aanhoudende klamheid hoort een andere aanpak dan nog een lading was erbij hangen.
Een droogrek zonder stekker maakt de afvoer van vocht niet overbodig.
Ook zonder tuin of balkon zijn er mogelijkheden. De GGD adviseert in dat geval een kamer met de binnendeur dicht en een raam open. Houd daarbij rekening met de ventilatievoorzieningen van je woning: de lucht moet worden ververst, niet alleen binnen de kamer rondgaan.
Wie goede mechanische afzuiging heeft, kan die tijdens het drogen hoger zetten. Blijft de ruimte nat of klam, dan schiet de gekozen oplossing tekort. Neem terugkerende schimmel serieus en bespreek mogelijke bouwkundige of ventilatieproblemen met verhuurder of vakman.
Probeer niet alleen op droogtijd te sturen. Een handdoek die snel droog is, zegt nog niet hoeveel extra warmte je daarvoor hebt gebruikt of waar het verdampte vocht is gebleven.
Goed centrifugeren vermindert de hoeveelheid water die daarna nog moet verdwijnen. Milieu Centraal adviseert een hoog toerental voordat was in de droger gaat, omdat centrifugeren minder energie kost dan elektrisch drogen. Houd uiteraard rekening met wat het wasgoed volgens het etiket en de machinehandleiding verdraagt.
Moet je een droger gebruiken, kijk dan naar het type apparaat. Een warmtepompdroger gebruikt minder stroom dan een traditionele condens- of luchtafvoerdroger. Het eco-programma is zuiniger dan extra droog; houd ook het pluizenfilter schoon volgens de handleiding.
De goedkoopste droogmethode is niet in iedere woning dezelfde praktische keuze.
Je hoeft bovendien niet tussen altijd een rek en altijd een droger te kiezen. Een deel van de was ophangen en alleen het noodzakelijke machinaal drogen is ook een optie. Een vaste besparing in euro’s valt zonder gegevens over je woning, apparaat en tarieven niet eerlijk te noemen.
Buiten heeft de voorkeur. Binnen: kies een ruimte waar vocht goed kan worden afgevoerd. Vermijd een afgesloten, klamme kamer en verwarm niet onnodig alleen voor de was. Bij bestaande vochtproblemen wegen voldoende verwarmen, ventileren en het verhelpen van de oorzaak zwaarder dan een algemene energietip.
Twee huishoudens kunnen evenveel zonnepanelen hebben en jaarlijks evenveel stroom gebruiken, maar toch een andere rekening krijgen. Vanaf 1 januari 2027 wordt vooral belangrijk wanneer ze die stroom gebruiken. Op die dag stopt de salderingsregeling.
Tot en met 2026 kun je teruggeleverde stroom nog verrekenen met stroom die je op andere momenten van het net afneemt. Vanaf 2027 vervalt dat wegstrepen. Je betaalt voor de afname en krijgt apart een vergoeding voor wat je teruglevert.
Stroom die je opwekt en meteen gebruikt, hoef je niet eerst te verkopen en later terug te kopen. Over die direct gebruikte zonnestroom betaal je geen energiebelasting of leveringskosten aan een energiebedrijf. Daarmee wordt het aantrekkelijker om een deel van je gebruik naar zonnige uren te verschuiven.
Milieu Centraal noemt als voorbeelden de wasmachine, vaatwasser en een elektrische auto. Het gaat niet om apparaten aanzetten omdat de zon schijnt, maar om noodzakelijk gebruik op een gunstiger moment. Extra verbruik alleen om teruglevering te vermijden is geen besparing.
Hetzelfde zonnedak kan een andere rekening opleveren door een ander dagritme.
Neem drie fictieve huishoudens die elk 3.000 kWh per jaar verbruiken en evenveel opwekken. Voor ingekochte stroom rekenen we met 30 cent per kWh, inclusief belastingen. Voor teruglevering nemen we netto 5 cent per kWh, na variabele terugleverkosten. Dit zijn gekozen rekenaannames, geen actuele offerte of voorspelling.
| Direct gebruikt | Zelf gebruikte zonnestroom | Stroomkosten per jaar* |
| 30% | 900 kWh | € 525 |
| 40% | 1.200 kWh | € 450 |
| 50% | 1.500 kWh | € 375 |
Alleen variabele stroomkosten vanaf 2027. Vaste leverings- en netbeheerkosten, vaste terugleverkosten, belastingvermindering en aanschaf of onderhoud van panelen zijn niet meegenomen.
Bij 30 procent direct verbruik koopt het huishouden nog 2.100 kWh in en levert het 2.100 kWh terug. Bij 50 procent is dat beide 1.500 kWh. Onder deze aannames scheelt dat jaarlijks 150 euro. Een ander contract geeft een andere uitkomst.
Een hoge terugleververgoeding vertelt niet het hele verhaal. Daar kunnen terugleverkosten tegenover staan. Kijk daarom naar afnametarief, vergoeding, kostenstructuur en vaste bedragen samen. Controleer ook welke voorwaarden vanaf januari gelden, in plaats van alleen de huidige termijnbetaling te bekijken.
Volgens de Rijksoverheid moet de terugleververgoeding tot 2030 minimaal 50 procent van het kale leveringstarief bedragen. Dat is het tarief zonder belastingen; het is niet de helft van je volledige consumentenprijs. Terugleverkosten moet je daarnaast meenemen.
Een hoge vergoeding is pas aantrekkelijk als je de bijbehorende kosten kent.
Wie nu zijn jaarafrekening, opwekgegevens en contract naast elkaar legt, krijgt meer inzicht dan van een algemene voorspelling over wat alle zonnepaneelbezitters zouden verliezen. Begin bij gebruik dat je eenvoudig kunt verschuiven. Een dure nieuwe installatie is daarvoor niet automatisch nodig.
Salderen stopt, terugleveren blijft mogelijk en daarvoor krijg je een vergoeding. Direct gebruikte zonnestroom blijft buiten de levering van je energiebedrijf. De drie bedragen hierboven zijn illustratief: vul voor een persoonlijke berekening je eigen afname, teruglevering en contracttarieven in.
Een pijntje na het sporten, een stijve rug na een dag tuinieren of een knie die ineens opspeelt bij het traplopen: veel klachten beginnen klein, maar kunnen groter worden als je ze negeert. Fysiotherapie is dan niet alleen iets voor topsporters of mensen die net geopereerd zijn. Het is vaak de schakel tussen blijven aanmodderen en weer vertrouwen krijgen in bewegen.
Veel blessures ontstaan niet door één verkeerde stap, maar door een optelsom: te snel opbouwen, te weinig herstel, een oude beperking die je compenseert, of een techniek die niet meer bij je lichaam past. Het lastige is dat pijn soms wegtrekt, terwijl de oorzaak blijft. Dan ligt een terugval op de loer.
Een fysiotherapeut kijkt daarom verder dan de plek waar het pijn doet. Heupmobiliteit kan bijvoorbeeld meespelen bij knieklachten, en schouderbladcontrole bij elleboog- of schouderpijn. Door die keten te begrijpen, kun je gerichter trainen en voorkom je dat je steeds in dezelfde cirkel belandt.
Met de jaren verandert je belastbaarheid. Spieren herstellen wat langzamer, pezen zijn minder vergevingsgezind en je balans kan afnemen. Toch is voorzichtig doen niet altijd de beste strategie. Juist blijven bewegen helpt om sterk te blijven, vallen te voorkomen en dagelijkse dingen zelfstandig te blijven doen.
Fysiotherapie kan helpen met een plan dat past bij jouw niveau. Denk aan slim opbouwen van wandelen bij artrose, oefeningen bij duizeligheid of het veilig toevoegen van krachttraining. Ook bij chronische aandoeningen zoals COPD of hartproblemen kan begeleiding helpen om binnen je grenzen te trainen.
Een effectieve behandeling begint met een analyse: wat lokt de klacht uit, wat houdt hem in stand en wat is je doel? Daarna volgt vaak een combinatie van oefentherapie, advies over belasting en herstel en, als het nodig is, behandeltechnieken zoals manuele therapie.
Soms worden extra methodes ingezet. Echografie kan helpen om weefsel beter te beoordelen, shockwave wordt gebruikt bij hardnekkige peesklachten en dry needling kan spierknopen verminderen. Taping of steunzolen kan tijdelijk ondersteunen, maar het doel blijft meestal dat je zelf weer sterker en zekerder beweegt.
- pijn die langer dan twee tot drie weken aanhoudt
- klachten die terugkeren zodra je weer gaat sporten
- stijfheid of instabiliteit waardoor je bewegingen gaat vermijden
- tintelingen, krachtverlies of duizeligheid die je dagelijks functioneren beïnvloeden
Vroeg ingrijpen betekent niet automatisch een lang traject. Soms zijn één of twee consulten genoeg om je training of herstel slimmer in te richten.
Wie in Dordrecht of Hendrik-Ido-Ambacht woont en gericht wil werken aan herstel of preventie, kan terecht bij een praktijk met zowel behandelkamers als een oefenzaal. Bij FysiCo Dordrecht ligt de nadruk op persoonlijke behandelplannen en begeleid oefenen, zodat je niet alleen behandeld wordt, maar ook leert wat je zelf kunt doen om terugkeer van klachten te beperken. Meer informatie vind je via Fysio Dordrecht.
Een zeurende hiel, branderige voorvoet of kniepijn die steeds terugkomt na een rondje hardlopen: veel mensen schuiven het af op 'overbelasting'. Toch begint het probleem vaak lager in de keten. Je voeten vormen de basis van je houding en manier van bewegen. Als daar iets niet optimaal gaat, kan dat doorwerken naar enkels, knieën, heupen en zelfs de onderrug.
Voetklachten zijn niet alleen iets voor sporters. Ook wie de hele dag staat of loopt, merkt het snel: vermoeide voeten, stijve kuiten of pijn bij het opstaan. Het lastige is dat je vaak pas ingrijpt als je al weken compenseert.
Vaak spelen voetstand, looppatroon en belasting samen. Denk aan doorgezakte voeten, een holvoet of te veel naar binnen kantelen. Ook een klein verschil in lenigheid of kracht tussen links en rechts kan al invloed hebben.
Bij hardlopen en veldsporten stapelen kleine irritaties zich op. Klachten als hielpijn of achillespeesproblemen kunnen ontstaan als de drukverdeling niet klopt. Ook in de zorg, horeca, retail en logistiek maak je ongemerkt duizenden stappen per dienst, vaak op harde vloeren.
Typische signalen zijn pijn onder de voorvoet of bij de hiel, zware benen aan het eind van de dag en lage rugpijn na lang staan. Soms merk je het ook aan sneller vermoeide kuiten of het gevoel dat je 'scheef' loopt.
Een podotherapeut kijkt naar de hele bewegingsketen. Meestal start het met een intake en lichamelijk onderzoek, vaak aangevuld met een loopanalyse. Op basis daarvan volgt een behandelplan, bijvoorbeeld:
Wie in de regio Helmond hulp zoekt, kan zich oriënteren via de pagina over Podoherapie Helmond.
1. Wissel schoenen af en kies modellen met voldoende steun.
2. Bouw sportbelasting geleidelijk op, zeker na een pauze.
3. Neem micro-pauzes op het werk en maak enkels los.
4. Blijf niet te lang doorlopen met pijn; compensatie kan nieuwe klachten geven.
Wanneer professionele hulp verstandig is
Als pijn je dagelijkse activiteiten beperkt of steeds terugkomt, is het slim om ernaar te laten kijken. Podotherapie biedt geen garanties, maar kan in veel gevallen wel zorgen voor minder pijn en meer vertrouwen in bewegen. Zie het als onderhoud: hoe eerder je bijstuurt, hoe kleiner de kans dat een voetklacht uitgroeit tot een hardnekkig knie- of rugprobleem.
Bij een crematie worden het lichaam en de kist bij hoge temperaturen verbrand. Wat overblijft, zijn vooral broze botresten: die worden na afkoeling fijngemalen tot de as die nabestaanden meekrijgen.
Op 2 november, Allerzielen, herdenken veel mensen hun overleden dierbaren. Ze steken een kaarsje aan, bezoeken een graf of staan stil bij iemand die ze missen. Maar achter die vertrouwde rituelen schuilt ook een vraag die minder vaak hardop wordt gesteld: wat gebeurt er eigenlijk met je lichaam als je wordt gecremeerd?
Na de afscheidsplechtigheid wordt de overledene naar de ovenruimte gebracht. De kist gaat mee de oven in. Vooraf legt een medewerker er een vuurvast steentje op met een uniek crematienummer. Dat nummer koppelt de stoffelijke resten aan de juiste persoon en wordt tijdens de verdere verwerking gecontroleerd.
De oven is bij het invoeren doorgaans al ongeveer 800 graden. Door de hitte vat de kist vlam en kan de temperatuur verder oplopen tot circa 1100 graden. Een computersysteem bewaakt het proces en regelt waar nodig de temperatuur.
De hitte breekt het lichaam af. De zachte weefsels verbranden; daarbij ontstaan gasvormige verbrandingsproducten. Het skelet verdwijnt niet helemaal: er blijven botfragmenten achter. Het beeld dat een lichaam in de oven vanzelf verandert in een hoopje fijne as, klopt dus niet.
De verbranding duurt vaak ongeveer 75 tot 90 minuten, maar dat is geen vaste termijn. Onder meer spelen het type oven en de lichaamsbouw van de overledene een rol. Afkoelen en het verwerken van de overblijfselen kosten daarna nog extra tijd.
Na de verbranding verzamelt de medewerker de overblijfselen en laat die afkoelen. Niet alles wat met het lichaam de oven ingaat, verbrandt. Metalen onderdelen, bijvoorbeeld van medische implantaten, blijven achter en worden uit de resten verwijderd.
Daarna gaan de botfragmenten in een cremulator: een apparaat dat ze fijnmaalt. Zo ontstaat de grijswitte, korrelige substantie die we doorgaans ‘as’ noemen. Die bestaat dus vooral uit de fijngemalen resten van het skelet, niet uit as zoals die na een houtvuur achterblijft. Volgens ovenfabrikant DFW Europe blijft na een crematie gemiddeld ongeveer 2,5 tot 3 kilo as over.
De as wordt in een tijdelijke urn of asbox gedaan. Daarbij controleert het crematorium of het nummer op het identificatiesteentje overeenkomt met dat op de verpakking. Ook bij de overhandiging aan de nabestaanden wordt die identificatie gecontroleerd.
In Nederland blijft de as in beginsel nog een maand in het crematorium; dat is wettelijk vastgelegd. Daarna kunnen nabestaanden de as bijvoorbeeld bewaren in een urn of laten verstrooien. De urn die uiteindelijk mee naar huis gaat, is dus het eindpunt van een zorgvuldig proces van verbranding, afkoeling, metaalverwijdering, fijnmalen en identificatie
RECENSIE - Het boek Wij, Europeanen heeft een actuele aanleiding: “De nieuwe tijd die op ons afkomt, vraagt om een nieuwe geschiedenis” (p. 9). Dat kan natuurlijk niet letterlijk het geval zijn want de geschiedenis heeft zijn beloop gehad en – eenvoudig gezegd -: het is zoals het is. Wat wél kan veranderen en wat hier natuurlijk wordt bedoeld is onze vísie op geschiedenis. Evert van der Veen besprak voor de Boekenkrant het nieuwe boek van Marcel Hulspas.
Marcel Hulspas ziet de middeleeuwen als bepalend en die krijgen in dit boek dan ook de nadruk. Ontwikkelingen die daar hebben plaatsgevonden, zijn bepalend voor de geschiedenis zoals deze zich sindsdien heeft ontwikkeld. Vanuit dit perspectief is dit boek geschreven. Het boek beschrijft hoe economische groei, de opkomst van steden, handel en een zelfstandige burgerij de macht van adel en kerk geleidelijk beperkten. Tegelijkertijd ontstonden nieuwe ideeën over individuele vrijheid, bestuur en wetenschap.
Daarna volgt Hulspas de verdere ontwikkeling van Europa via de renaissance, de reformatie, de wetenschappelijke revolutie en de verlichting. Hij laat zien hoe rationaliteit, ondernemerschap en technologische vooruitgang Europa steeds invloedrijker maakten. Deze ontwikkelingen leidden ook tot kolonialisme, imperialisme en gevoelens van culturele superioriteit. Die schaduwkanten maken volgens Marcel Hulspas evengoed deel uit van de Europese geschiedenis als de idealen van vrijheid en mensenrechten.
In de slothoofdstukken verbindt Hulspas deze geschiedenis met de actualiteit. Europa wordt opnieuw geconfronteerd met geopolitieke spanningen, migratie, economische concurrentie en vragen over identiteit. Daarom is volgens de auteur een realistisch begrip van het verleden noodzakelijk. Hij waarschuwt tegen zowel een geromantiseerd beeld van Europa als een uitsluitend negatieve visie op het Europese verleden.
Het boek Wij, Europeanen laat zien dat Europese landen en Europeanen zeer verschillend zijn en daarom is Europa ook vaak – toen en nu – zeer verdeeld. Veel landen hebben een expansief karakter, zijn ambitieus, koesteren idealen. In het algemeen is het denken in vooruitgang, groei en ontwikkeling duidelijk aanwezig.
Wat Europese landen – de een meer dan de ander – ook eigen is, is het superioriteitsdenken. Dat kwam tot uiting in het stichten van koloniën die meestal pas na een moeizame onafhankelijkheidsstrijd zelfstandige landen konden worden. Ook waren vele Europese landen bij de slavernij betrokken. Europa komt in dit boek Wij, Europeanen niet als een vanzelfsprekende culturele eenheid naar voren maar als een continent dat juist door voortdurende verdeeldheid, concurrentie en conflict is gevormd.
Ieder onderdeel in dit boek heeft een korte inleiding en vervolgens zijn er vele hoofdstukken (74 in totaal) waarin politieke, culturele, economische en intellectuele thema’s in historisch perspectief ter sprake komen. Zo wordt de ontwikkeling van democratie, rechtsstaat en wetenschap in een bredere context geplaatst.
Het is een omvangrijk boek dat veel concentratie van de lezer vraagt, ook omdat het nogal feitelijk is geschreven. Wij, Europeanen neemt de lezer niet gemakkelijk mee in het verhaal. Het boek is minder geschikt voor wie een chronologisch en overzichtelijk standaardoverzicht zoekt. Marcel Hulspas wil vooral laten zien hoe ideeën, conflicten en maatschappelijke ontwikkelingen samen de Europese identiteit hebben gevormd. In het boek ontbreken overkoepelende en verbindende lijnen die de veelheid aan thematische informatie bij elkaar brengen en samenvatten. Er is een fotokatern in het boek.
Marcel Hulspas studeerde natuur- en sterrenkunde aan de universiteit van Nijmegen. Hij was redacteur van Intermediair en het Algemeen Dagblad, schreef regelmatig voor Sargasso, en is nu hoofdredacteur van de schoolkrant van Hogeschool Windesheim in Zwolle. Hij is wetenschapsjournalist. Van hem verschenen eerder Reuzen van de Lage Landen, Uit de diepten van de hel, Mohammed, Mohammed en het ontstaan van de islam.
Using a fake DOB or leaving the field blank when making an online account can offer protection from identity theft
You get a call from your bank saying there has been suspicious activity on your account. They read out your name, address and date of birth so you are happy it is a legitimate caller.
But you are talking to criminals who have used your date of birth as part of a web of verifying information to convince you they are someone else.
Continue reading...From husky sledding and chasing the northern lights in Lapland to bear-spotting in Transylvania, here’s our pick of wild and magical snowy breaks in Europe
At Ruka, the first skiers of the year slalomed down the slopes on 2 October. Just inside the Arctic Circle, Ruka’s long snow-sure season and cosy village atmosphere make it a popular ski resort with Finnish families. The long polar nights mean there are only a few hours of dim twilight each day, but the slopes here are floodlit, so that never stops play.
Continue reading...Opposition says hundreds of thousands of people expected to participate in march demanding election chief resign over voter list changes
Indian security personnel carrying batons and shields and accompanied by riot control vehicles surrounded the site of a planned opposition protest in Delhi on Sunday that is set to demand the resignation of the country’s election chief over a controversial revision of voter lists.
Authorities warned of traffic diversions ahead of the protest march and rally that will be led by Congress party leader Rahul Gandhi. The opposition says it expects hundreds of thousands of people to participate in what it says will be a major challenge to the prime minister, Narendra Modi, and his Bharatiya Janata party (BJP).
Continue reading...Naturallysouthaustralia.com has added a photo to the pool:
Tawny Frogmouth, Stonyfell Ferguson CP, full story at
naturallysouthaustralia.com
Rambo2100 has added a photo to the pool:
View of the Sydney Harbour Bridge from 1 Elizabeth. The round building is the top of 1 Bligh Street and the pointy roof 1 O'Connell Street. On the right are the One Farrer Place Governor Macquarie and Governor Phillip Towers and further away the newer Quay Quarter building. At left the EY building has the gold colour, gradually being dwarfed by the 56 Pitt Street building that is going up.