Wie vogels gaat kijken moet in de eerste plaats leren luisteren. Want als je alleen maar met je ogen vogelt, dan vind je vrijwel niets.
Darren Schiller has added a photo to the pool:
View of the rear of the YMCA building from Eliza Street, Adelaide CBD
Young Street, Adelaide CBD
This site was the former William Detmold Ltd, later Spicers Australia Warehouse.
This building echoes a former landuse pattern now so dramatically changed. The industrial warehouse use which it represents has declined substantially in the city due to economic changes and decentralisation. However, at the time of its construction such activities were still easily found. The plan for the building was approved 9 August 1915, the architects English and Soward having advertised tenders for its erection in the South Australian Register of 16 June 1915. It was erected for Messrs Wm Detmold Limited, printers, who were later known as Spicer & Detmold (1924) and from 1949 as Spicers Australia Limited.
The architectural counterparts of this building are the Fowlers Lion Factory (F.H. Counsell
1906) and the former Mail Exchange (English and Soward circa 1898). Although built later,
this building embodies similarities in its design, while also using reinforced concrete. The facade facing Young Street is of considerable architectural distinction, the elevation being
produced by the robust use of brickwork in conjunction with profiled brick strings. However,
the rear elevation to Eliza Street is sparsely detailed and utilitarian.
This building is a strong visual element and, although in a minor street, acts as an excellent
'backdrop' to the Hotel Franklin and the group of houses-offices which are immediately to the
south on Franklin Street.
Je wilt je elektrische auto opladen. Geen ingewikkelde wens, zou je denken. Je parkeert, steekt een kabel in de auto en betaalt. Maar bij een openbare laadpaal kan iets eenvoudigs veranderen in een klein probleem van probleemoplossing. Welke pas moet je gebruiken? Waarom begint hij niet? Wat kost het eigenlijk? En waarom staat er nergens duidelijk beschreven wat je moet doen?
Het probleem is versnippering. Achter die ogenschijnlijk eenvoudige laadpaal zitten verschillende systemen voor toegang, betaling en het laden zelf. Die moeten samenwerken. Gaat ergens iets mis, dan zie jij vooral een auto die niet laadt — zonder dat meteen duidelijk is waarom.
Bij een gewoon elektrisch apparaat is de verwachting overzichtelijk: stekker erin, apparaat aan. Bij een openbare laadpaal moet je doorgaans eerst toestemming krijgen om stroom af te nemen. Daarvoor gebruik je bijvoorbeeld een laadpas of een app. Pas wanneer de aanmelding is gelukt, kan de laadsessie beginnen.milieucentraal+1
Daar zit meteen een mogelijke hindernis. Wordt je pas niet herkend, is hij niet goed geactiveerd of gaat er iets mis in de communicatie, dan gebeurt er niets. De kabel zit erin, de auto staat klaar, maar hij laadt niet.
Voor de automobilist is dat een merkwaardige ervaring. Je staat bij een voorziening die bedoeld is om stroom te leveren, maar je moet eerst uitzoeken waarom je daar geen gebruik van kunt maken.
Een mislukte laadpoging kan verschillende oorzaken hebben. De kabel sluit niet goed aan. De laadpaal heeft een storing. De laadpas wordt geweigerd. Of een instelling in de auto verhindert dat het laden begint. Het resultaat lijkt hetzelfde, maar de oplossing is telkens anders.
En dus begint het proberen. Kabel eruit, kabel erin. Nog eens de pas aanbieden. De instellingen van de auto bekijken. Opnieuw beginnen.
Dat is misschien wel het ergerlijkste: niet alleen dat iets niet werkt, maar dat je niet weet wát er niet werkt. De automobilist wordt de schakel die moet uitzoeken welk onderdeel van het systeem dwarsligt.
Dan de prijs. Je zou graag vooraf één duidelijk tarief zien en daarmee klaar zijn. Bij openbaar laden kan het ingewikkelder zijn. Naast het bedrag per kilowattuur kunnen, afhankelijk van de aanbieder, ook kosten voor een laadpas, een starttarief of tijdgebonden kosten gelden.
Daardoor is de vraag “wat kost een laadbeurt?” niet altijd met één blik te beantwoorden. Je moet weten welke voorwaarden gelden en via welke aanbieder je afrekent.
Voor een dagelijkse handeling is dat behoorlijk veel uitzoekwerk. Je wilt je accu vullen, niet eerst de kleine lettertjes van een betaalconstructie bestuderen.
Zelfs als het laden begint, kan de volgende teleurstelling wachten: het gaat langzamer dan verwacht. De laadsnelheid hangt niet alleen af van de laadpaal, maar ook van wat de auto aankan en hoeveel stroom er beschikbaar is.
Dat is technisch te verklaren. Alleen staat die uitleg niet vanzelf naast je op de stoep. Je ziet vooral een verwachte eindtijd die verder weg ligt dan je had gehoopt.
Bovendien combineer je laden en parkeren. Bij gewone openbare laadpunten neem je doorgaans je eigen kabel mee en kan een laadbeurt uren duren. Ook moet je rekening houden met de regels voor het bezet houden van de laadplek wanneer de accu vol is
Natuurlijk kan een laadpaal niet zomaar stroom door een kabel sturen. De aansluiting, de laadvoorziening en de auto moeten op elkaar afgestemd zijn. Dat vraagt techniek.
Maar ingewikkelde techniek hoeft niet te betekenen dat de gebruiker een ingewikkelde ervaring krijgt.
Een goede laadpaal zou drie dingen onmiddellijk duidelijk moeten maken: hoe je begint, wat je betaalt en wat je moet doen als het niet lukt. Niet alleen melden dat er een fout is, maar uitleggen waar die zit en welke handeling helpt.
De automobilist hoeft niet te weten hoeveel systemen achter de schermen met elkaar praten. Die wil maar één ding: aansluiten, afrekenen en erop kunnen vertrouwen dat de auto wordt opgeladen.
Staat je kledingkast tegen een buitenmuur? Dan wordt die muur de komende dagen de koudste plek van je slaapkamer. Weer.nl verwacht dat het in de eerste week van november overdag niet veel warmer wordt dan 10 graden. In heldere, windstille nachten kan het flink afkoelen, en de kans op serieuze nachtvorst neemt toe. Welke klussen je daarvoor buiten nog moet doen, lees je in Eerste nachtvorst op komst: buitenkraan, kuipplanten en nog 3 klussen die je vóór dinsdag regelt. Binnen speelt intussen iets wat je niet ziet.
Een muur hoeft niet nat te zijn om te gaan schimmelen.
Koude lucht kan minder vocht vasthouden dan warme. Koelt de lucht uit je kamer af tegen een koude muur, dan loopt de relatieve luchtvochtigheid vlak tegen die muur op. Bij 100 procent ontstaan druppels. Dat is de condens die je 's ochtends op je ramen ziet, en daarover ging ons eerdere stuk 'Elke ochtend natte ramen? Dit helpt beter dan de verwarming hoger zetten'.
Op een muur gaat het al eerder mis. De meeste schimmels in huis groeien volgens de GGD-richtlijn over schimmel- en vochtproblemen in woningen vanaf 80 procent luchtvochtigheid aan het oppervlak. Er hoeft dus geen druppel te zien te zijn. De muur moet alleen een paar graden kouder zijn dan de kamer.
Kennisdomein rekende met de formule uit die GGD-richtlijn uit hoe koud een muur mag worden in een kamer van 18 graden. Dat is de temperatuur die de GGD overdag als minimum aanraadt. Per luchtvochtigheid in de kamer:
Welk getal precies geldt, hangt af van hoe warm je kamer is. DIY-gids rekent met 20 graden kamertemperatuur en komt bij 60 procent luchtvochtigheid uit op 15,4 graden als schimmelgrens, met een dauwpunt van 12,0 graden. In een warmere kamer met dezelfde luchtvochtigheid zit er meer vocht in de lucht. Daardoor ligt de grens dan hoger.
Bij een gewone luchtvochtigheid van 60 procent is een muur van 13 graden dus al te koud.
Buitenmuren zijn in de herfst en winter kouder dan binnenmuren. Zet je er een grote kast tegenaan, dan ontstaat er een afgesloten hoek waar de lucht amper beweegt. Warmte uit de kamer komt er slecht bij, dus de muur koelt nog verder af. Vocht dat daar neerslaat, droogt bovendien langzamer op. Hetzelfde gebeurt in hoeken van kamers waar de verwarming niet komt, zoals in een slaapkamer die je niet verwarmt.
Hoeveel ruimte je achter de kast vrij moet laten en waar je bij het nakijken op let, lees je in ons eerdere stuk De verwarming gaat weer aan: zo voorkom je schimmel achter je kast.
Hoe koud een muur wordt, hangt vooral af van de isolatie. Nieuwe woningen moeten zo gebouwd zijn dat de koudste plek binnen minstens 11,7 graden blijft als het buiten 0 graden is en binnen 18 graden. Dat volgt uit de temperatuurfactor van 0,65 die het Bouwbesluit voor woningen eist. Voor bestaande woningen geldt die eis niet.
Leg dat naast de tabel en je ziet het probleem. Bij 60 procent luchtvochtigheid kan zelfs de koudste hoek van een nieuwbouwwoning schimmelen, want 11,7 graden is lager dan 13,5 graden. In een slecht geïsoleerd ouder huis gaat het nog eerder mis.
Komt de schimmel steeds terug in een hoek die altijd koud aanvoelt, denk dan aan een koudebrug of slechte isolatie. En blijft de muur kouder dan het dauwpunt uit de tabel, dan heb je volgens DIY-gids een isolatieprobleem. Een meubel verschuiven lost dat niet op.
Voor huurders maakt het veel uit waar het vocht vandaan komt. Adminio bekeek 3.922 uitspraken van de Huurcommissie over schimmel, vocht en condens. In 73 procent van de inhoudelijke beslissingen kreeg de huurder gelijk. Ging het om doorslaand of optrekkend vocht, dan was dat 93 procent. Bij condens of discussies over het stookgedrag kregen huurders volgens Adminio veel minder vaak gelijk. Precies onder die laatste categorie valt een koude muur achter een kast.
Denkt de verhuurder dat het aan jou ligt, bijvoorbeeld omdat je niet genoeg ventileert, dan moet hij dat aantonen, schrijft rechtsbijstandverzekeraar DAS. Jij moet als huurder wel redelijke maatregelen nemen om erger te voorkomen, en daar hoort direct melden bij. Je metingen helpen om het gesprek met je verhuurder op feiten te voeren. Hoe je de schimmel zelf vastlegt en wanneer je naar de Huurcommissie stapt, lees je in ons stuk over de huurkorting die een rechter toekende.
Bronnen: Weer.nl, Kennisdomein, DIY-gids, Klimapedia, Nu Wonen, Dry-plan, Murenvochtig.nl, Luchtontvochtigerwinkel, Bouwenwonen.net, Adminio, DAS
With the final count unlikely to shift results significantly, experts say Gadi Eisenkot’s hopes of unseating Benjamin Netanyahu rest on his willingness to work with Palestinian parties
Israel’s elections committee has said it began counting absentee ballots at 1am local time. That count is expected to last until Thursday evening, with an estimated 500,000 ballots from military personnel and diplomats to be tallied up.
They are not expected to significantly change the results.
Continue reading...Read more of this story at Slashdot.