Read more of this story at Slashdot.

Het NOS journaal stelde dat minister Van Weel excuses aanbood en dat de Kamer deze niet of nauwelijks accepteerde. Het NOS journaal verzuimde te vermelden dat minister Van Weel urenlang om keiharde feiten heen draaide die jarenlang waren achtergehouden pas na middernacht een zeer aanmatigend sorry opdreunde.
De Algemene Rekenkamer had de noodklok geluid dat 10.000 aangiften en een paar meldingen van ernstige delicten zonder onderzoek waren blijven liggen. Dit is niet meer het gebruik van het opportuniteitsbeginsel, maar zware capaciteitsproblemen op recherche afdelingen waardoor verkrachters en drugshandelaren vrijuit gaan.
Het ontgaat de NOS dat minister Van Weel en zijn drie voorgangers deze explosieve informatie op eigen initiatief hadden moeten delen volgens artikel 68 van onze grondwet. Een kwart van de ernstige aangiften wordt niet onderzocht, dan heeft de minister direct het halve kader terug op de werkvloer te zetten en meer rechercheurs op te leiden.
We weten allemaal dat de politie aangiftes voor verkrachting ontmoedigd, omdat slachtoffers hun delict tijdens gerechtelijk onderzoek, de rechtszaak in eerste aanleg en in hoger beroep moeten herbeleven. Voor vele slachtoffers voelt dat als een tweede, derde en vierde verkrachting. Dat komt hier nog bovenop, en eist ook een oplossing.
Sommige feiten worden bewust buiten beeld gehouden, want ze willen de 54 zetels rechts van de VVD niet in de kaart spelen. Daardoor blijven we hangen in een ontkenningsfase, wat elke oplossing in de weg staat, waardoor de problemen verder escaleren en doorgroeien, wat de reputatie van minderheden verder beschadigt.
De Onderzoeksraad voor de Veiligheid heeft de noodklok geluid dat minderjarige asielzoekers niet veilig zijn. Als je de continue stroom steekincidenten in AZC’s een beetje bijhoudt, dan had iedereen die open deur kunnen intrappen. Deze onveiligheid strekt zich uit van kinderen naar vrouwen, niet-moslims, transgenders, etc, etc enz enz.
De Onderzoeksraad voor de Veiligheid ziet de oorzaak in noodopvang. De moordenaar van Lisa zat echter in een reguliere opvang, onder andere Ter Apel en Budel zijn reguliere opvangcentra met grootschalige continue problemen, dus die afkadering gaat niet op. De kinderen op een AZC zijn niet veilig, evenals de jeugd rond een AZC.
Vervolgens ziet de Onderzoeksraad voor de Veiligheid de spreidingswet naar vele gemeenten als oplossing, dan ben je slachtoffers samen met hun belagers aan het verplaatsen, terwijl je ze moet scheiden. Een AZC vervalt tot een anarchie waar het recht van de sterkste geldt, doordat de strafrechtketen de rotte appels niet verwijdert.
Een voormalig locatiemanager van een AZC klapte uit de school dat een AZC een open deurbeleid heeft en dus niet weet wie wanneer binnen is. Per AZC gaat het gemiddeld om tientallen ongewenste of onbekende bezoekers. Een AZC wordt door menig crimineel gezien als een gratis slaapplek, dat is slecht voor asielzoekers en de buren.
Dit gebrekkige toezicht en deurbeleid geeft pubers die ’s nachts een speelbal zijn van de criminele sector en overdag te moe zijn om onderwijs te volgen. Dat deze minderjarige asielzoekers voor seksuele uitbuiting of criminele activiteiten kunnen worden afgehaald, is een vorm van zuivere verwaarlozing. Wanneer gaan we die centra beveiligen?
Ons kabinet weigert problematische jongeren ’s nachts in te sluiten, maar vergeet dat bijna alle normale Nederlandse jongeren door liefhebbende ouders elke avond worden ingestopt, en niet van hun slaapkamer af mogen. Een goede nachtrust is de basis voor hun onderwijs en ontwikkeling. Volwassenen moeten deze structuur afdwingen.
Je kan denken dat het inhumaan is om dit met een afgesloten deur te doen, maar bij problematische jongeren die anders de halve nacht geweld gebruiken tegen de nachtdienst, is een dichte deur beter dan incident op incident. Niet alleen voor het personeel, ook voor de andere jongeren. Opvoeden kan niet zonder consequenties.
Bureaucraten fantaseren altijd bij dit soort afwegingen over een soort van utopisch veilig risicoloos de-escalerend proportioneel geweld waartoe het professionele personeel toe in staat zou zijn. Pure managementbullshitbingo. Ze vergeten dat deze softe houding het respect voor personeel en politie verdwijnt, er langzaam steeds meer agressie ontstaat.
Wat criminele asielzoekers uit veilige landen hier durven, zouden ze in het land van herkomst niet doen uit angst voor ontvoering, marteling of een definitieve verdwijning. Onze papieren blafbrief kunnen ze niet lezen, de boete wordt verrekend met gigantische dwangsommen en een eigen cel is luxer dan de gedeelde hokjes op de noodopvang.
Als er vaak genoeg geweld is, dan zal het soms fout gaan. Dan houden we een stille tocht, zonder te kijken waar het fout ging. Zij die luisteren overleven hun ontmoeting met de politie vaker. Hoe kan een Syrische achttienjarige asielzoeker 114 politieregistraties hebben!? Hij is pas een paar jaar hier, dus hij liep om de week tegen de lamp!?
We hebben sowieso een lage pakkans van onder een paar procent, maar voor kleine delicten, drugs en de doofpot rond AZC’s, ligt die pakkans nog lager. Voor 114 registraties zijn tienduizenden strafbare feiten nodig. Hij was hier ruim duizend dagen, dus dan moest hij elke dag meerdere delicten plegen. Hij heeft heel hard gewerkt.
Wanneer we minderjarige asielzoekers dezelfde liefde en zorg geven als in andere jeugdzorginstellingen of (pleeg)gezinnen, dan was zo iemand of in bed, of op school, of op een sportclub of in de gezamenlijke ruimte. Dan heeft iemand niet de tijd of de energie om zich aan de lopende band te misdragen. Dat is beter voor hem en voor ons.
Wanneer het dan toch fout gaat, dan hoop ik toch dat we na tien registraties harder gaan ingrijpen. Dat ons strafrecht geldt, zoals dat geldt voor stelselmatige daders met een Europees paspoort, waar je gewoon twee jaar de cel in kan. Zelfs als afschrikking en opvoeding via een celstraf niet werkt, geeft de dichte deur ons en hen bescherming.
Zachte heelmeesters maken stinkende wonden.
Wil je als Nederlander een vakantiehuis aan de Deense kust kopen, dan lukt dat in de praktijk niet. In Spanje kan het wel, en dat blijft voorlopig zo, ook nu de Spaanse politiek zoekt naar manieren om buitenlandse kopers af te remmen. Het verschil zit in één juridisch detail. Denemarken heeft een eigen protocol bij het EU-verdrag, Spanje niet, schreef SpanjeVandaag op 21 september.
Voor Nederlanders is dat geen ver-van-je-bedshow. Volgens SpanjeVandaag zijn Nederlanders inmiddels de grootste kopers van tweede huizen in Spanje. Eerder beschreven wij hoe de Wet Betaalbare Huur jaagt beleggers naar Spanje: recordaantal Nederlanders koopt er een woning, Spaanse steden komen in opstand, en dat de Spaanse overheid onderzoekt of buitenlandse kopers geweerd kunnen worden.
Denemarken bedong een uitzondering toen het in 1973 lid werd van de EG, meldt Expat Finance. Volgens het Nordic Institute of European Legal Studies stond het protocol over de aankoop van tweede woningen eerst in de richtlijn over de liberalisatie van het kapitaalverkeer en later in de EU-verdragen zelf. Ook onder het Verdrag van Lissabon mag Denemarken die nationale regels houden, schrijft EUabc.
In de praktijk mogen buitenlanders, ook EU-burgers, in de regel geen Deens zomerhuis kopen. Dat kan alleen als je permanent in Denemarken woont en toestemming krijgt van het ministerie van Justitie, aldus de juridische gids van Multilaw. De regel moet kust- en plattelandsgebieden beschermen tegen buitenlandse speculatie. Volgens Expat Finance moet je bij de Deense instantie Civilstyrelsen aantonen dat je een bijzondere band met het land hebt, en worden deze regels zelden versoepeld.
Wie niet in Denemarken woont, koopt er geen zomerhuis. Ook niet met een EU-paspoort.
Helemaal uniek is Denemarken niet. Oostenrijk, Zweden en Finland kregen bij hun toetreding een overgangsperiode van vijf jaar, maar sinds 1 januari 2000 is het kopen van tweede woningen daar gewoon toegestaan. Van de nieuwere lidstaten kreeg alleen Malta een permanente uitzondering: wie daar een tweede woning wil kopen, moet er eerst vijf jaar hebben gewoond, schrijft EUabc.
Spanje heeft geen vergelijkbaar voorbehoud. Voor Nederlanders en andere EU-burgers gelden dus gewoon de Europese regels over vrij verkeer. Volgens SpanjeVandaag botst een algeheel verbod op buitenlandse kopers daar frontaal mee.
Voor kopers van buiten de EU ligt dat anders. Het Europese Hof van Justitie oordeelde op 12 oktober 2023 (zaak C-670/21) dat lidstaten betaalbare woningen mogen nastreven met beperkingen op het kapitaalverkeer met derde landen. Die maatregelen moeten dan wel gericht zijn op plekken waar het woningtekort bijzonder groot is. Een regeling die zonder onderscheid voor elke woning geldt, is volgens het Hof niet geschikt, meldt het Expertisecentrum Europees Recht van het ministerie van Buitenlandse Zaken.
Die scheidslijn zat ook in het plan van premier Pedro Sánchez. Op 13 januari 2025 kondigde hij een belasting aan van tot 100 procent op woningaankopen door niet-ingezetenen van buiten de EU. EU-burgers vielen daar uitdrukkelijk buiten, schrijft VivendaNova. Het wetsvoorstel werd op 22 mei 2025 ingediend, maar was in maart 2026 nog altijd niet in het parlement besproken, meldde Reuters. Volgens het Spaanse advocatenkantoor Olga Caballero ontbrak de maatregel in het Spaanse woningpakket van januari 2026.
Zelfs het strengste Spaanse plan tot nu toe liet Nederlandse kopers buiten schot.
Biedt Europa dan een uitweg? Op 9 september stelde de Europese Commissie de Affordable Housing Act voor. Daarmee krijgen overheden een gezamenlijke methode om 'gebieden onder woningdruk' aan te wijzen. Wil een overheid daar het gebruik van woningen inperken, bijvoorbeeld voor kortetermijnverhuur of bij leegstand, dan moet ze aantonen dat dit bijdraagt aan de lokale woningdruk. De maatregel moet bovendien gericht, noodzakelijk en proportioneel zijn, meldt The Sofia Globe op basis van de Commissie.
Een instrument om buitenlanders als groep te weren zit er dus niet in. Volgens SpanjeVandaag richt Brussel zich niet op buitenlandse kopers. Daarbij is het voorlopig alleen een voorstel: volgens de Europese Commissie moeten het Europees Parlement en de Raad zich er nog via de gewone wetgevingsprocedure over buigen.
Voor Spanje ligt de route daardoor eerder bij regels voor verhuur en gebruik dan bij de nationaliteit van de koper. Een verbod ligt juridisch lastig, maar gerichte maatregelen komen dichterbij, concludeert SpanjeVandaag.
Bronnen: SpanjeVandaag, Expat Finance, NIELS, EUabc, Multilaw, Expertisecentrum Europees Recht, Reuters, VivendaNova, Olga Caballero, The Sofia Globe, Europese Commissie