Je bent geboren in het najaar van 1964 of in 1965, en de SVB rekent voor jou met AOW vanaf 67 jaar en 3 maanden. Officieel staat dat nog niet vast. Het kabinet maakt binnenkort bekend wat de AOW-leeftijd in 2032 wordt. Daarbij zijn maar twee uitkomsten mogelijk: 67 jaar en 3 maanden, of 67 jaar en 6 maanden.
Valt het besluit verkeerd voor je uit, dan krijg je drie maanden later AOW dan je nu verwacht. Daarna is er niets meer aan te veranderen.
Ben je vóór 1 oktober 1964 geboren, dan ligt je AOW-leeftijd vast. Voor iedereen die op of na die datum is geboren, geeft de SVB alleen een verwachting. Voor wie tussen 1 oktober 1964 en 30 september 1966 is geboren, is dat 67 jaar en 3 maanden.
Het besluit dat nu komt, geldt niet voor die hele groep. Het gaat over iedereen die in 2032 de AOW-leeftijd bereikt. Blijft het 67 jaar en 3 maanden, dan zijn dat de mensen die van 1 oktober 1964 tot en met 30 september 1965 zijn geboren, schrijft De Dagelijkse Standaard. Ben je later geboren, dan blijft jouw leeftijd voorlopig een verwachting en volgt jouw besluit in een later jaar.
Je AOW gaat in op de dag dat je de AOW-leeftijd bereikt. Eerder laten ingaan kan niet. Drie voorbeelden:
- Geboren op 1 oktober 1964: bij 67 jaar en 3 maanden krijg je AOW vanaf 1 januari 2032, bij 67 jaar en 6 maanden vanaf 1 april 2032.
- Geboren op 15 november 1964: bij 67 jaar en 3 maanden is dat 15 februari 2032, anders 15 mei 2032.
- Geboren op 20 maart 1965: bij 67 jaar en 3 maanden is dat 20 juni 2032, anders 20 september 2032.
Ben je aangesloten bij een pensioenfonds, kijk dan ook wanneer je aanvullende pensioen begint. Pensioenfonds PGB betaalt bijvoorbeeld standaard uit vanaf de eerste dag van de maand waarin je voor het eerst AOW krijgt. Gaat je AOW drie maanden later in, dan schuift die datum bij zo'n fonds mee.
De AOW-leeftijd hangt aan de levensverwachting van 65-jarigen, die het CBS elk jaar opnieuw raamt. De leeftijd gaat altijd in stappen van drie maanden omhoog. Stijgt de levensverwachting te weinig, dan blijft hij gelijk. Omlaag kan niet. Voor 2031 staat de AOW-leeftijd op 67 jaar en 3 maanden. Voor 2032 kan die dus gelijk blijven of één stap stijgen.
Volgens de rekensom die Kennisdomein maakte, moet het CBS voor 2032 een levensverwachting van minstens 21,39 jaar voorspellen voordat de leeftijd naar 67 jaar en 6 maanden gaat. In de prognose uit 2024 stond voor 2032 een cijfer van 21,20 jaar. De Dagelijkse Standaard kon de nieuwe CBS-raming op 5 november nog niet vinden en wijst erop dat het oude cijfer niets zegt over wat het nieuwe wordt.
Het kabinet van D66, VVD en CDA wilde de AOW-leeftijd vanaf 2033 net zo snel laten stijgen als de levensverwachting. Op 26 mei trok het dat plan in, na verzet van vakbonden, werkgevers en de Tweede Kamer. Voor 2032 geldt dus de bestaande, tragere koppeling: een hogere levensverwachting telt voor tweederde mee in de AOW-leeftijd. Dat staat in de vorige Kamerbrief, van 7 november 2025.
Een vaste datum is er niet. Volgens de wet moet de AOW-leeftijd vijf jaar vooruit vaststaan, dus voor 2032 uiterlijk op 1 januari 2027. De vorige drie brieven aan de Tweede Kamer kwamen op 10 november 2023, 8 november 2024 en 7 november 2025, meldt De Dagelijkse Standaard. Ook dit jaar ligt een besluit in de komende dagen dus voor de hand.
Is de AOW-leeftijd eenmaal vastgesteld, dan verandert hij niet meer.
- Kijk opnieuw in het overzicht van de SVB of je AOW-leeftijd nu als vastgesteld of nog als verwacht staat.
- Ben je tussen 1 oktober 1964 en 30 september 1965 geboren? Reken je AOW-datum opnieuw uit met de definitieve leeftijd.
- Ben je later geboren? Ga voorlopig uit van de verwachting, maar leg geen stopdatum vast op een leeftijd die nog niet definitief is.
- Check bij je pensioenfonds of je aanvullende pensioen meeschuift met je AOW-datum.
Bronnen: De Dagelijkse Standaard, De Dagelijkse Standaard (eerder), SVB, Kennisdomein, AtotZ Hypotheken, NOS, Pensioenfonds PGB