Mensen met een kat denken vaak echt dat het dier iets voor hen voelt, een hechte band heeft zelfs. Toch blijkt uit nieuw onderzoek dat die verbondenheid minder diep gaat dan veel baasjes denken. Waar honden echt van hun eigenaar kunnen houden, blijken katten emotioneel een stuk zelfstandiger.
In het experiment werden vijftien huiskatten onderworpen aan tests die eerder ook bij honden zijn gebruikt om hechting in kaart te brengen. De wetenschappers keken naar drie belangrijke signalen: zoeken dieren actief nabijheid van hun eigenaar? Tonen ze spanning als die persoon de ruimte verlaat? En hoe reageren ze op een vriendelijke onbekende?
Bij sterke gehechtheid, zoals die vaak bij honden wordt gezien, blijft het dier dicht in de buurt, volgt het de eigenaar tijdens dagelijkse handelingen en vertoont het duidelijk ongemak bij diens afwezigheid.
Bij de katten in het Hongaarse onderzoek bleken die verschillen nauwelijks zichtbaar. De dieren bleven niet opvallend vaker binnen een meter van hun eigenaar dan van een vreemde die ze pas net hadden ontmoet. Ook stresssignalen, zoals zich verschuilen onder een stoel of richting de deur lopen wanneer iemand vertrok, kwamen even vaak voor bij het vertrek van de baas als bij een onbekende.
Volgens gedragsbioloog Peter Pongrácz van de universiteit betekent dit niet dat katten onverschillig zijn. Ze kunnen prima met mensen samenleven en zoeken soms ook contact. Maar hun relatie met mensen vertoont niet dezelfde afhankelijkheid als bij honden.
Eerder onderzoek met een vergelijkbare testopzet liet zien dat honden hun eigenaar gebruiken als een soort emotioneel anker. In spannende of onbekende situaties kijken ze naar hun baasje voor geruststelling, vergelijkbaar met hoe jonge kinderen steun zoeken bij hun ouders.
Dat verschil is evolutionair goed te verklaren. Honden stammen af van wolven, uitgesproken roedeldieren die sterk afhankelijk zijn van samenwerking. Tijdens het domesticatieproces werd die sociale gerichtheid op mensen verder versterkt.
Katten daarentegen hebben een andere achtergrond. Hun voorouders waren solitaire roofdieren die zelfstandig jaagden. De band met mensen ontstond waarschijnlijk duizenden jaren geleden toen nederzettingen knaagdieren aantrokken, een aantrekkelijk hapje voor katten. Ze profiteerden van onze aanwezigheid, maar bleven grotendeels onafhankelijk.
Die evolutionaire erfenis zie je vandaag de dag nog terug. Katten kunnen sociaal gedrag vertonen en hechten zich zeker aan hun leefomgeving, maar hun emotionele stabiliteit lijkt minder sterk gekoppeld aan één specifieke persoon.
Voor kattenliefhebbers is dit misschien even slikken. Toch betekent het niet dat je kat niets om je geeft. De band is er wel degelijk, maar minder gebaseerd op afhankelijkheid en meer op wederzijds voordeel en vertrouwdheid.
Wie dus hoopte op onvoorwaardelijke emotionele steun zoals bij een hond, moet beseffen: een kat kiest haar momenten zelf. En misschien is dat juist de charme van het dier.
Bron: De Telegraaf