Today's submission is less a WTF and more a, "Yeah, that'd annoy me too."
Stevie works in a code-base that's largely C, which means function return values are usually used to communicate to status codes. The standard:
BOOL success = someFunc();
if (!success) {// handle the error
If someFunc returns TRUE, we succeeded, otherwise we failed.
There's nothing wrong with that convention. But there is something wrong with one of the long-time developers on the project, because they have their own idiom for doing this. And they've been around long enough that their approach is the convention other developers follow. It's not wrong, per se, just confusing:
BOOL error = someFunc();
if (error == FALSE)
{
//handle the error
errorCode = GetLastError();
//…
}
Yes, pretty much anywhere an error can happen, they check if error == FALSE, and if that's true, they have an error.
I'd say, "at least they're consistent", but they're not. It's the convention, sure, but nobody wrote this down as the convention. New developers come in all the time, and they start out writing code in a more "normal" pattern. But the existing code has its pattern, and there is a lot of it. It has a mass and an inertia that is stronger than any developer. They don't change the code, the code changes them.
Na vier dagen is iedereen wel een beetje kwijt welke aanval er nou precies nog een vergelding is, en het begint te voelen alsof de oorlog toch langzaam weer opschaalt. CENTCOM schreef drie uur geleden:
"CENTCOM heeft op 14 juli om 22.00 uur (ET) een nieuwe reeks luchtaanvallen op Iran afgerond, waarbij tientallen militaire doelen in de buurt van de Straat van Hormuz en de Iraanse kustgebieden werden getroffen. Amerikaanse gevechtsvliegtuigen, drones en marineschepen vuurden tijdens de zeven uur durende aanval precisiewapens af op Iraanse raket- en dronebases, marinecapaciteiten en kustverdedigingssystemen om het vermogen van Iran om commerciële scheepvaart en burgerbemanningen te bedreigen verder te verzwakken."
Daarbij leek Trump gisteravond (bovenstaand) vrij letterlijk te zeggen dat de aanvallen vanavond opgeschaald zullen worden tenzij Iran terugkeert naar de onderhandelingstafel: "We're going to hit them very hard tonight. We're going to hit them very hard tomorrow night. We're going to hit them very hard the night after... We're going to knock out all their power plants, we're going to knock out all their bridges, unless they get to the table and negotiate." Noot: hij zegt 'alle energiecentrales en bruggen', niet een paar.
Ook heeft Trump gisteren de zeeblokkade van Iraanse havens - die mid juni opgeheven was - opnieuw ingesteld. Hier ging aan vooraf dat Iran de afgelopen dagen 7 commerciële schepen heeft aangevallen, waarbij meerdere bemanningsleden gedood of (ernstig) verwond werden. CENTCOM schrijft over de hernieuwde blokkade: "Amerikaanse strijdkrachten hebben vandaag om 16.00 uur (Eastern Time) de maritieme blokkade hervat van schepen die van en naar Iraanse havens en kustgebieden varen. Momenteel zijn er meer dan twintig oorlogsschepen van de Amerikaanse marine en honderden militaire vliegtuigen actief in het Midden-Oosten. De Amerikaanse strijdkrachten blijven waakzaam, slagvaardig en paraat."
Iran voerde ondertussen de gebruikelijke aanvallen uit op Amerikaanse doelen in de Golfstaten, waarbij ditmaal opvalt dat niet alleen de IRCG, maar ook de conventionele Iraanse krijgsmacht meedeed:
"Het leger meldt dat het de basis Al-Azraq in Jordanië met drones heeft bestookt, zo bericht de staatsomroep IRIB. Daarnaast stelt de IRGC kruisraketten te hebben afgevuurd op een logistiek centrum van het Amerikaanse leger in Mina Abdullah (Koeweit); daarbij wordt benadrukt dat de Straat van Hormuz gesloten blijft "zolang de Verenigde Staten hun agressieve daden niet staken". Volgens de staatsomroep heeft de IRGC ook faciliteiten geraakt die door de Amerikaanse Vijfde Vloot in Bahrein worden gebruikt. "Het NSI-managementcentrum, het commando- en controlecentrum, de magazijnen voor belangrijke militaire onderdelen en uitrusting, en de brandstofopslagfaciliteiten van de Amerikaanse Vijfde Vloot in Bahrein zijn vernietigd", aldus de IRGC in een verklaring die door staatsomroep IRIB werd uitgezonden." Jordanië meldt dat het drie Iraanse raketten neergeschoten heeft.
Afijn, wij gaan maar weer eens live.
SocialSocial
Gisteren werd een verzoek tot schorsing van het overnameverbod van Solvinity afgewezen door de rechtbank Rotterdam. Een uitgebreid vonnis, maar de kern is dus wel degelijk zorgen om de CLOUD Act, FISA en consorten. Maar dan wel alleen bij Solvinity.
In mei blokkeerde Nederland de overname van DigiD-hoster Solvinity door het Amerikaanse Kyndryl. Daarbij werd de vrij onbekende Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (Wozt) ingezet, maar de motivering bleef vooralsnog geheim. Daardoor was het speculeren wat de juridische route was.
Solvinity’s eigenaar (Host Lux) ging in beroep, en daardoor weten we nu grofweg waar het besluit op gebaseerd is, namelijk tóch de CLOUD Act en vriendjes:
De Verenigde Staten (VS) beschikken over verschillende wetgeving die extraterritoriale werking heeft, waardoor ze toegang kunnen krijgen tot gegevens die wereldwijd worden verwerkt door Amerikaanse technologiebedrijven. Naast de Clarifying Lawful Overseas Use of Data Act (CLOUD Act) en de Foreign Intelligence Surveillance Act (FISA) hebben de VS verschillende wettelijke middelen om bedrijven te dwingen gegevens te verstrekken of technische hulp te bieden aan veiligheids- en inlichtingendiensten. Belangrijke voorbeelden zijn de Communications Assistance for Law Enforcement Act (CALEA), die telecom- en communicatiebedrijven verplicht hun systemen toegankelijk te maken voor afluisterpraktijken. Ook is er de Stored Communications Act (SCA), die Amerikaanse autoriteiten toegang kan geven tot opgeslagen communicatiegegevens, zelfs als deze buiten de VS zijn opgeslagen. Amerikaanse inlichtingendiensten hebben brede rechten voor het verzamelen en opslaan van communicatie en andere gegevens die in het buitenland plaatsvinden en opgeslagen staan. FISA Section 702 vormt de juridische basis voor programma’s zoals PRISM en Upstream. Hierdoor kunnen aanbieders van elektronische communicatiediensten verplicht worden om mee te werken aan buitenlandse inlichtingenverzameling. Waar de VS zich onderscheiden van andere landen is dat zij een grote invloed hebben op de mondiale digitale infrastructuur die vrijwel geheel in handen is van Amerikaanse bedrijven. Een recente studie van de Zwitserse Cloudprovider Proton, laat zien dat veel staten afhankelijk zijn van deze technologie en dat de VS via deze bedrijven macht kunnen uitoefenen.De rest van de redenering is daarmee gegeven. Als Solvinity in Amerikaanse handen komt, krijgt zij met al deze wetgeving te maken. En dat is precies waar dan de Wozt voor bedoeld is, vandaar het verbod. En het verbod is redelijk gezien de ernst.
Die ernst is mede gegeven door het antwoord op een ander juridisch vraagje waar ik mee zat: waarom geldt de Wozt voor Solvinity? Die wet is bedoeld voor grote telecompartijen (meer dan 100.000 eindgebruikers, 300 AS’en, 400.000 domeinnamen, dat werk) en Solvinity haalt dat niet. Maar uit besloten bron heeft de rechter vernomen dat Solvinity
een elektronische communicatiedienst of elektronisch communicatienetwerk, datacenterdienst of vertrouwensdienst aanbiedt aan de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst, het ministerie van Defensie, de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst, de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid of de Nationale Politie(…).Om die reden is de Wozt alsnog van toepassing, zodat het verbod in stand blijft.
Betekent dit nu dat heel Nederland moet stoppen met Amerikaanse clouddiensten? Nee. Hoewel het gevaar algemeen en concreet is gepresenteerd, is dit beperkt tot de context van overnames door Amerikaanse partijen. Bovendien moet je dus of een grote jongen zijn of aan de mannen in regenjassen leveren.
Het is wel de eerste keer dat zo formeel wordt erkend dat CLOUD Act en consorten een clear and present danger voor onze soevereiniteit zijn. Ik verwacht dus zeker wel enige precedentwerking.
Arnoud
Het bericht Solvinity (van DigiD) mocht inderdaad niet overgenomen vanwege de CLOUD Act verscheen eerst op Ius Mentis.
Daar zat hij dan, bij de corona-commissie. Eindelijk mocht Maurice de Hond zijn verhaal doen. En het was zoals we hem kenden: de man die in coronatijd vooral zelf vond dat hij een miskend genie was, genegeerd door starre instituties die te traag, te voorzichtig en te gesloten waren om zijn gelijk te erkennen: het waren de aerosolen.
Voeg hier een collectieve oogrol in van iedereen die zich destijds ook maar enigszins in de materie had verdiept en de zeperts van De Hond had gezien. Een genie? Eerder een stilstaande klok die, zoals stilstaande klokken nu eenmaal doen, twee keer per dag de juiste tijd aangaf. En toegegeven, de rol van aerosolen, slecht geventileerde ruimtes en luchtkwaliteit is in het officiële coronabeleid inderdaad te lang onderschat. Op dat punt zat De Hond dichter bij wat later serieuzer werd genomen dan veel van zijn critici toen wilden toegeven.
Alleen volgt daar veel minder uit dan zijn aanhang ervan maakt. Gelijk krijgen op één onderdeel maakt iemand nog geen betrouwbaar denker. Een correcte uitkomst kan voortkomen uit een sterke methode, uit geluk, uit intuïtie, uit koppigheid, of uit een combinatie daarvan.
Pointer zette in 2021 een aantal claims van De Hond op een rij. De anderhalvemetersamenleving zou onnodig zijn. Je zou niet besmet kunnen raken door voorwerpen aan te raken. Het kon volgens hem “gewoon niet anders” dan dat besmettingen via de lucht gingen. Ook stelde hij in het voorjaar van 2020 dat er tot het najaar geen tweede golf zou komen, wat duidelijk wel gebeurde. Volgens Pointer schreef De Hond bovendien dat aerosolen verantwoordelijk waren voor 95 procent van de coronabesmettingen.
Dat zijn geen accentverschillen binnen een ingewikkeld wetenschappelijk debat. Dat zijn stellige publieke claims, gedaan in een periode waarin beleid, gedrag en vertrouwen direct gevolgen hadden. De Hond had dus niet simpelweg een punt over ventilatie. Hij trok een reëel tekort in het beleid naar zich toe en maakte er een totaalverhaal van, inclusief de suggestie dat andere maatregelen vooral schijnveiligheid waren.
Zijn probleem zat juist in die methode. Hij trok grote conclusies uit beperkte data, zag patronen waar voorzichtigheid geboden was en presenteerde onzekerheden met de overtuigingskracht van iemand die de zaak al had opgelost. Een terecht punt over ventilatie groeide bij hem uit tot een bijna allesverklarend model van de pandemie. Daarmee verschoof het debat van een noodzakelijke correctie op het beleid naar een eigen gelijkssysteem.
Statisticus Casper Albers vatte het bij Pointer samen: De Hond maakte soms valide punten, maar sloeg vaak de plank mis, ging te kort door de bocht of trok conclusies die de data niet ondersteunden. Bij een kaart waar hij de correlatie tussen uitbraken en (lage) temperatuur was ingetekend zag De Hond bewijs voor een van zijn theorieën, terwijl Albers erop wees dat de gebieden op die kaart ook simpelweg dichtbevolkte gebieden waren. Bij een andere analyse over besmettingen en tests ontbrak volgens Albers reflectie op de aannames, terwijl De Hond die conclusies wel gebruikte om met gestrekt been op beleidsmakers en GGD in te gaan.
Dat is het terugkerende verhaal: De Hond ziet een patroon, noemt het een verklaring en gebruikt die verklaring daarna als knuppel tegen iedereen die trager, voorzichtiger of professioneler formuleert. Zijn bewijsvoering loopt achter zijn zekerheid aan.
Dat patroon was ook al bekend van zijn peilingen. Ook daar is al jaren inhoudelijke kritiek op de methode: de samenstelling van online panels, de weging, de representativiteit, de volatiliteit van uitkomsten en de schijnprecisie waarmee zetelstanden worden gepresenteerd. Soms zit zo’n peiling dicht bij de uiteindelijke uitslag. Vaak ook niet. De interessantere vraag is of de methode vooraf stevig genoeg is om het gewicht te dragen dat De Hond er publiekelijk aan hangt.
Nog fundamenteler is dat we deze les al vóór corona hadden kunnen trekken. Want naast zijn problematische peilingen wees De Hond in de Deventer moordzaak de zogenoemde klusjesman publiekelijk aan als dader. De man was niet veroordeeld voor de moord, maar werd door De Hond wel het publieke mikpunt van een alternatieve waarheidsmachine. De rechter verbood De Hond in 2006 om de klusjesman in het openbaar als moordenaar of verdachte aan te wijzen. In 2007 werd hij veroordeeld wegens smaad, in 2009 volgde in hoger beroep een veroordeling wegens smaad en smaadschrift tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden. Ook moest hij een schadevergoeding betalen aan de klusjesman en diens vriendin.
De Hoge Raad merkte in de Deventer moordzaak op dat zelfs als de klusjesman geen sluitend alibi zou hebben gehad, daaruit nog niet volgt dat hij de moordenaar was. Dat is precies het onderscheid dat De Hond publiekelijk wegdrukte: twijfel aan een scenario is nog geen bewijs voor een alternatief scenario.
Hier liet De Hond zien wat er gebeurt wanneer zekerheid losraakt van bewijs, terughoudendheid en verantwoordelijkheid. Iemand werd publiekelijk vermalen door een particuliere theorie die met grote stelligheid werd verkocht. Dat zo iemand jaren later opnieuw als serieuze buitenstaander mocht optreden, zegt veel over het korte geheugen van media, politiek en publiek.
Precies daar zat in coronatijd de schade. De Hond wees niet alleen op ventilatie. Hij stookte voortdurend tegen instituties, experts en maatregelen, alsof iedere vorm van terughoudendheid bewijs was van domheid of kwade wil. Dat heeft het publieke vertrouwen verder aangevreten in een periode waarin dat vertrouwen al onder druk stond. Zijn optreden maakte onzekerheid giftiger.
Pointer liet bovendien zien dat zijn boodschap niet alleen als losse wetenschappelijke hypothese rondging. De Hond kreeg 100.000 euro van vastgoedondernemer Klaas Hummel, zette met dat geld Smartexit.nu op en begon een petitie tegen de anderhalvemetersamenleving. Rond dezelfde boodschap bewogen horecaondernemers, Viruswaanzin/Viruswaarheid en partijen met belang bij ventilatieoplossingen. Dat bewijst niet dat zijn inhoudelijke punt alleen uit belangen voortkwam. Het laat wel zien hoe snel zijn aerosoltheorie veranderde in een campagne-instrument tegen beleid.
Een wetenschappelijke hypothese vraagt om onzekerheidsmarges, tegenwerpingen en correcties. Een campagne vraagt om duidelijke vijanden, simpele slogans en maximale stelligheid. De Hond koos in coronatijd te vaak voor het tweede, terwijl hij het eerste bleef claimen.
Daarmee komen we bij de echte vraag. Waarom krijgt iemand met zo’n staat van dienst nog steeds het voordeel van de twijfel? Waarom wordt iemand die eerder onterecht een burger publiekelijk tot dader maakte, en die in coronatijd opnieuw grote claims verkocht met te weinig rem op zijn eigen zekerheid, nog steeds behandeld als een soort van noodzakelijke dwarsdenker?
Het antwoord is waarschijnlijk onaangenamer dan zijn fans lief is, en tegelijk voor de hand liggend. De Hond is bruikbaar voor media omdat hij levert wat het format vraagt: conflict, stelligheid, een helder kamp en een tegenstem die zich gemakkelijk laat monteren. Wetenschappelijke voorzichtigheid is slechtere televisie. Methodologische terughoudendheid scoort minder lekker dan iemand die komt uitleggen dat hij het allang had gezien.
Een stilstaande klok kan achteraf indrukwekkend lijken als je precies op het juiste moment kijkt. Het wordt pas riskant wanneer mensen hem daarna daadwerkelijk gaan gebruiken.

Read more of this story at Slashdot.
As a teenager I declined a painful operation to straighten my spinal curvature, and it was a decision I sometimes regretted. But through daily stretching and exercise, my relationship with my body was transformed
I was 13 when a spinal surgeon gave me unsolicited career advice. “Scoliosis won’t ruin your life,” he said, peering over his spectacles, “unless you want to do bikini modelling.” As a young teenager, I hadn’t thought much about job prospects, let alone modelling, but his words stung. It also curdled my situation into a lose-lose scenario: either have a painful operation to fuse metal rods with my spine, or endure a lifetime with an abnormally twisted back.
Until this point, I’d perceived my spinal curvature in terms of the inward experience: pain. Now, I became aware of an external dimension: a disfigurement. Something to be hidden. This did me no favours as a teenager in the age of Instagram. While I declined the operation due to the risks and the extended leave from school, the surgeon’s blithe remark burdened me with shame.
Continue reading...