
door Arthur van Amerongen
Het schokkende relaas over mijn vruchtbaarheidsperikelen, naar aanleiding van de door de systeemmedia verspreide hoax dat Lidewij de Vos zwanger zou zijn van mij, sloeg in als een bom en voor het eerst kreeg ik het gevoel onderdeel te zijn van een warme en hechte familie. Heel eventjes werd ik niet overladen door spot en hoon in de mancave van het roze leger der reaguurders, maar kreeg ik zelfs van mijn grootste criticasters warme steunbetuigingen. Het was een lange getuigenis, maar uit respect schreef geen enkel bijdehandje deze keer ‘Too Long Didn’t Read’. TLDR is de ultieme schoffering voor een hardwerkende broodschrijver als ik. Soms maak ik me weleens zorgen over de algemene ontwikkeling en de culturele bagage van reaguurders die een willekeurige tekst van Nijntje al te gecompliceerd vinden. Ik ben altijd uren bezig met de spanningsboog, maar dat wordt zelden door ze opgemerkt.
Enfin, deze keer wist ik de lezers met de korte aandachtsspanne te boeien met mijn zaadverhaal en dat zorgde voor een eureka-beleving, want ineens wist ik het: ik ga alleen nog maar over mijn eigen droevige leven schrijven, want dat slaat aan bij de mannen: Gedeelde smart is bovendien halve smart.
Een nieuw hilarisch verhaal over mijn vruchteloos geruk in de spermapotjes van de fertiliteitskliniek van het AMC zou misschien wederom goed scoren, maar hoeveel zaadverhalen trekt de gemiddelde reaguurder?
In mijn vroegere cursiefjes voor HP/De Tijd omschreef ik mijzelf graag als een treurige eenzame masturbant, die omringd door zijn honden in een smerige hut in de Portugese brousse smachtend en fappend wachtte op de verlossende dood. Ik had geen nagel om mijn reet mee te krabben en dus maar een heel goedkoop Vodafone-abonnementje, met als gevolg dat ik meestal al na een week door mijn maandelijkse bytes heen was. Dat had alles met mijn surfgedrag te maken, want ik heb last van de merkwaardige afwijking dat ik pornofilms helemaal uitkijk, en dus niet alleen naar het hoogtepunt spoel. In zekere zin ben ik dus een estheet, zeker als het om cinematografie gaat. Ik vind het niet respectvol naar de acteurs en de actrices en de hele filmploeg toe om een hele film slechts te reduceren tot die paar cumshots. Dat zit zo: ik werkte ooit in een Amsterdamse videotheek en mijn belangrijkste taak was het terugspoelen van de geretourneerde VHS-banden. De klanten namen nooit de moeite om dat even na het handkarren even te doen uit respect voor mij, de baliemedewerker, en soms zaten er gewoon aangekoekte restjes but op de banden die ik er dan af moest borstelen met Jif (dat nu Cif heet). Niemand van de clientèle nam ooit de moeite om een hele rolprent uit te kijken en mijn klantjes stopten vrijwel altijd nadat ze aan hun gerief waren gekomen, meestal gelijktijdig met de acteurs. Misschien is dat een vorm van male bonding, dat collectieve spetteren, maar ik ben geen socioloog, laat staan een psycholoog. Ik vermoed dat die fapmannen ook nooit naar het hele voorspel keken, en naar de spanningsopbouw. Nee hoor, gewoon bandje in de gleuf, en spoelen tot het cumgebeuren. Mijn werk in de videotheek resulteerde in deze twiet: Netflix is precies die gore, naar ingekookte filterkoffie, oud zweet, geronnen zaad en zware shag stinkende Jumbo-videotheek van Miep Brons (dat haar herinnering tot een zegen mag zijn) in de Amsterdamse Van Woustraat, diep in de donkere jaren tachtig. Dan hing je daar uren rond als een potloodventer, zoekend naar een enigszins acceptabele film, en dan kwam je toch weer thuis met Rambo, Porky’s Pikante Pretpark of - als moeders de vrouw niet thuis was - met een schunnig VHS’je (Debbie Does Dallas, Deep Throat of The Pizza Boy, He Delivers met Art Williams en Brent Woods) uit de volwassenenafdeling van die Jumbo.
Overigens heb ik Miep wel eens in het echt ontmoet en daarover geschreven in mijn legendarische reportage Een week leven op een duppie. Ik schreef onder andere dit:
Op zaterdag doe ik een gouden vondst. Op de voorpagina van NRC Handelsblad staat met koeienletters: ‘Open huis bij Miep & Loek Brons. Loek schenkt. Miep trakteert: champagne & erwtensoep.’ Dat moet wel twee alinea’s opleveren. De moed zakt me in de schoenen als ik verderop in de advertentie lees dat belangstellenden zich telefonisch moeten aankondigen. Moet ik me nu als verslaggever voordoen of als kunstliefhebber? Het is pas vier uur en als het tegenzit, sta ik straks alleen met Loek Brons voor een schilderij van Carel Willink, met een mond vol tanden. Ik krijg Loek zelf aan de lijn en brom wat onduidelijkheden. Ik trek mijn laatste schone kleren aan en wandel naar de Apollolaan. Zou Tom Wolfe deze exercitie goedkeuren? Een besnorde blazer opent deur. Achter hem staat een tafel met glazen. De champagne smaakte naar appelcider. Loek Brons praat in de riante huiskamer met een potentiële klant. Behalve een oudere dame die verbaasd naar een schilderij van Jeroen Henneman staart, is er niemand. Mijn glas is leeg. Achter de huisbar van de Bronsjes staat een barkeeper glazen te poetsen. Miep staat in de keuken te zingen. Ik plof neer in het zwartlederen bankstel dat de hele kamer in beslag neemt en vraag me af of ik al een tweede glas kan pakken. Ik staar minutenlang naar een schilderij met twee Griekse beelden en een kerncentrale. De soep wil maar niet komen, al hoor ik steeds meer pannengerammel in de keuken. Maar de soep is waarschijnlijk alleen voor potentiële kopers. O nee, daar komt Miep Brons op me af gestampt.
Hier stopt het verslag van mijn bezoek aan Miep en wat er verder gebeurde daar aan de Apollolaan, zal pas via mijn notaris vijftig jaar na mijn dood onthuld worden, hier op GeenStijl. Een week leven op een duppie is mijn hommage aan de gonzo-journalistiek, waarvan ik de enige Nederlandse exponent ben. Gisteravond keek ik naar Twee voor Twaalf en toen had Astrid Joosten een vraag over new journalism en gonzo, met natuurlijk Hunter S. Thompson als het lichtend voorbeeld. La Joosten zei vervolgens dat er in Nederland maar één gonzojournalist was. Mijn hart sloeg over, en toen kwam het: Marcel van Roosmalen…! Ik heb de quiz niet uitgekeken en ben woedend naar bed gegaan, dat snapt de reaguurder vast wel. Nog blij dat Astrid Gijs Groenteman - bekend van Jip - ook niet tot de gonzoschool rekende.
Ik zat dus in mijn stinkhut in de negorij van de Algarve fappend te wachten op de dood en na zo’n pornofilm helemaal te hebben uitgekeken, inclusief de aftiteling, ging ik met mijn dronken kop dan plaatjes draaien en dan gaat het hard met die kutbytes van Vodafone. In de negorij waar ik bivakkeerde was geen glasvezel, dus ik moest mij behelpen met een dongel, waardoor de pornofilms en de YouTube-clips vaak haperden en stotterden. Ook qua muziek heb ik smaak, want ik draaide heel leuk in combinatie met de porno die ik had bestudeerd, heel vaak dit soort soundtracks. Omdat dit het stamcafé is, heb ik een leuke opdracht voor de bezoekers: vertel toch eens wat over jullie ervaringen met het bekijken van "volwassenenfilms". Ik hoor daar nooit iets over in deze mancave. Kennelijk is dat zo'n een enorm taboe onder de reaguurders, wellicht omdat Samantha meekijkt of misschien wel omdat veel reaguurders incels zijn. Ik kijk uit naar jullie reacties!





