Afvallen is niet makkelijk, zeker niet als je een dagje ouder wordt. Daarom kun je je dieet het beste maar zo simpel mogelijk houden. Volgens nieuw onderzoek is het belangrijkste om je inname van ultrabewerkte voeding te verminderen. Het leidt tot een betere stofwisseling en vermindert de eetlust.
Ultra-bewerkte voedingsmiddelen zijn producten die met industriële technieken zijn gemaakt en ingrediënten bevatten die je in de keuken zelden gebruikt. Denk aan emulgatoren, smaakversterkers, kleurstoffen en conserveermiddelen. Veel voorkomende voorbeelden zijn verpakte snacks, kant-en-klaarmaaltijden en sommige bewerkte vleesproducten. Steeds meer onderzoek legt een verband tussen een hoge consumptie van deze producten en een slechtere gezondheid.
In de Verenigde Staten bestaat inmiddels meer dan de helft van de dagelijkse calorie-inname uit ultrabewerkte voeding. Dat gegeven was aanleiding om te onderzoeken wat er gebeurt als ouderen daar realistisch gezien minder van eten.
Aan de studie deden Amerikanen van 65 jaar en ouder mee, van wie velen overgewicht hadden of metabole risicofactoren zoals insulineresistentie of een verhoogd cholesterol. De deelnemers volgden twee verschillende diëten van elk acht weken, met daartussen een korte periode waarin ze hun gebruikelijke eetpatroon hervatten. Het ene dieet bevatte mager rood vlees, het andere was vegetarisch met melk en eieren. In beide gevallen kwam minder dan 15 procent van de calorieën uit ultrabewerkte voeding, een forse daling ten opzichte van het gemiddelde.
Belangrijk detail: deelnemers hoefden geen calorieën te tellen, niet af te vallen en hun bewegingspatroon niet aan te passen. Alle maaltijden en snacks werden door de onderzoekers bereid en aangeleverd, met zoveel mogelijk minimaal bewerkte ingrediënten en in lijn met de Amerikaanse voedingsrichtlijnen.
Tijdens de periodes met minder ultrabewerkte voeding aten deelnemers vanzelf minder calorieën en verloren ze gewicht, inclusief buikvet. Maar de effecten gingen verder dan dat. Er waren verbeteringen in insulinegevoeligheid, gunstigere cholesterolwaarden, minder ontstekingsmarkers en positieve veranderingen in hormonen die eetlust en stofwisseling reguleren. Opvallend: deze voordelen traden zowel op bij het vleesrijke als bij het vegetarische dieet.
Dat is relevant, want met een snel groeiende oudere bevolking wordt het behoud van metabole gezondheid steeds belangrijker. Een betere stofwisseling helpt niet alleen bij het voorkomen van ziekten als diabetes en hart- en vaatziekten, maar ondersteunt ook mobiliteit, zelfstandigheid en kwaliteit van leven.
Tegelijk blijven er vragen open. De studie was relatief klein en kortdurend. Of deze verbeteringen op de lange termijn daadwerkelijk ziekten kunnen voorkomen, weten we nog niet. Ook is onduidelijk hoe haalbaar het is voor mensen om zonder intensieve begeleiding structureel minder ultrabewerkt te eten en welke aspecten van bewerking nu precies het schadelijkst zijn.
Maar één ding is duidelijk: ook op latere leeftijd kan een relatief eenvoudige aanpassing in het dagelijks eetpatroon al merkbare gezondheidswinst opleveren.
Bron: Science Alert