Met de oorlog in Iran is er een nieuw duister hoofdstuk toegevoegd aan een toch al sombere wereldpolitiek. Oud-hoogleraar Nico Schrijver, een man met een enorme staat van dienst op het gebied van internationaal recht, biedt hoop. In de Volkskrant noemt hij tal van lichtpuntjes.
"Het zijn gure tijden, maar je moet dat ook weer niet overdrijven", begint Schrijver in het grote interview met de krant. "Grote delen van het internationaal recht functioneren onverkort, denk aan handels- en investeringsverdragen, de burgerluchtvaart, de scheepvaart. Daarnaast werkt het internationaal recht ook als normatieve antenne, juist wanneer normen flagrant worden geschonden."
"Het gebied van het internationaal recht waarop zich in mijn ogen momenteel de grootste problemen voordoen, is het recht over oorlog en vrede, in het bijzonder het humanitair oorlogsrecht. Dat wordt op grove wijze geschonden. Dat heeft niet zozeer met de VS te maken, maar vooral met Rusland in Oekraïne en met Israël in Gaza."
De oud-hoogleraar is wel een beetje bezorgd. "We zien een enorme ondermijning van het humanitair oorlogsrecht door strijdende partijen, meer dan ik ooit in de voorbije decennia voor mogelijk heb gehouden."
Maar er is ook verzet. "Dat verzet is op internationaal recht gestoeld. Er lopen momenteel tal van internationale, juridische procedures, zoals die arrestatiebevelen, waarmee wordt gepoogd de aanstootgevendste aspecten van harde machtspolitiek aan te pakken. Dat helpt het recht van de sterkste in te dammen. Ik zie het als een krachtig wapen: de macht van het woord, van het recht, dat ingaat tegen het denken van Trump en Poetin. We moeten ons als internationale gemeenschap, politici en wetenschappers, niet door die potentaten laten wegblazen. In dat licht ben ik er ook helemaal niet voor om de Verenigde Staten nu links te laten liggen, zoals wel wordt gesuggereerd. Juist nu moet je ernaar toe om contacten te onderhouden met en steun te bieden aan de tegenkrachten."
En die tegenkrachten zijn er genoeg, meent Schrijver. "In de VS zelf valt me aan de universiteiten op dat er veel protesten zijn, zowel van ouderen als jongeren. Ik ben er ten diepste van overtuigd dat je een onderscheid moet maken tussen de huidige leiding van de VS en de mensen in het land. Er zijn zo veel Amerikanen die dit niet willen."
"Bij tegenkrachten denk ik zeker ook aan de rol die Europa hoort te spelen, maar vlak China niet uit. Ik ben niet blind voor de China First-ideeën van de huidige autocratische leider, maar in het internationale veld speelt China toch een andere rol dan de Verenigde Staten en Rusland, die zich aan het internationaal recht niets gelegen laten liggen. China vormt in dit opzicht een positieve kracht met zijn lippendienst aan het multilaterale jargon van erkenning van soevereiniteit en territoriale integriteit, en zijn nadruk op het belang van internationale samenwerking. Als Europa zouden we een dialoog met China en het mondiale Zuiden moeten opzetten ter bescherming van het internationaal rechtssysteem. De gelegenheden daartoe hebben we in de voorbije jaren laten versloffen."
Dat soort samenwerking is ook hard nodig als de VS bijvoorbeeld echt besluit uit de VN te stappen. "Dat is een donker scenario, maar het valt inderdaad niet uit te sluiten. Als er zo’n belangrijke steunpilaar wegvalt, zal Europa allereerst het financieringsprobleem moeten oplossen. Europese landen, waaronder Nederland, hebben op dit vlak in de afgelopen jaren niet bepaald het goede voorbeeld gegeven: op hun bijdragen aan multilaterale instanties hebben zij drastisch bezuinigd."
De hoogleraar is niet per se negatief over de houding van Europa. "Op politiek vlak zie je nu dat Europese landen zich gedwongen zien veel meer samen te werken. Hun reactie op Trump was aanvankelijk aarzelend, maar de kwestie-Groenland is in mijn ogen toch wel een keerpunt. Door de scherpe reactie van Europa is Trump op zijn plannen teruggekomen. Ik vind ook de uitspraken over de internationale betrekkingen van Europese leiders als Emmanuel Macron (Frankrijk), Friedrich Merz (Duitsland), Keir Starmer (Verenigd Koninkrijk), Pedro Sánchez (Spanje) en Ursula Von der Leyen (Europese Commissie) bemoedigend, zij tonen ruggengraat. En ik vond de prachtige speech van de Canadese premier Mark Carney in Davos, die middelgrote landen opriep zich te verenigen, een indrukwekkend vertoon van weerbaarheid. Laten we ook vooral niet te veel dramatiseren. Het is niet zo dat de Verenigde Naties zonder de Verenigde Staten ten dode zijn opgeschreven. We moeten niet doen alsof dan de nacht valt."
Bron: De Volkskrant