Twee recente fraudezaken laten zien hoeveel gewicht een
accountantsverklaring in de praktijk kan hebben. Maar ze leggen ook een zwakke
plek bloot: wat als niet de controle faalt, maar de verklaring zelf wordt
vervalst?
Een
accountantsverklaring is voor veel mensen vooral een document dat ergens achter
in een jaarrekening of subsidiedossier zit. De recente berichtgeving over
mogelijke fraude met Nederlandse exportkredietverzekeringen laat zien dat zo’n
verklaring in werkelijkheid veel meer gewicht kan hebben.
Welingelichte
Kringen meldde op 26 augustus dat de Nederlandse staat mogelijk voor honderden
miljoenen euro’s schade opdraait door fraude met exportkredietverzekeringen. In
één zaak is volgens het bericht sprake van 137 miljoen euro schade. Bij de
aanvragen zouden vermoedelijk vervalste accountantsverklaringen zijn
overgelegd. De verdenking is dat financiële cijfers van zogenoemde garanten
rooskleuriger zijn voorgesteld dan ze in werkelijkheid waren.
Een paar
dagen eerder publiceerde de Nederlandse Arbeidsinspectie een ander, inmiddels
door de rechter beoordeeld voorbeeld. Tijdens de coronaperiode ontving een
opleider 1,2 miljoen euro voorschot uit de regeling NL Leert Door. Voor de
definitieve afrekening moest hij een verklaring van een onafhankelijke externe
accountant overleggen. De verklaring die werd ingestuurd, bleek vals.
De naam op
het document hoorde bij een accountantsbureau dat al was opgeheven. Toen de
uitvoeringsorganisatie contact zocht met de accountant zelf, bleek dat zij
nooit voor de opleider had gewerkt en de handtekening niet van haar was. Bij
een doorzoeking werd volgens de Arbeidsinspectie bovendien het fysieke stuk
aangetroffen, samen met een formulier waarop handtekeningen waren geoefend. De
opleider kreeg eind 2025 de maximale taakstraf van 240 uur en een
voorwaardelijke gevangenisstraf van acht maanden. Ook werd hij hoofdelijk
aansprakelijk gesteld voor terugbetaling van de 1,2 miljoen euro. Een
aanvullende aanvraag van 400.000 euro werd niet uitgekeerd.
De twee
zaken verschillen wezenlijk van elkaar, maar raken dezelfde kern. Een
accountantsverklaring ontleent haar waarde niet aan het papier, de pdf of de
handtekening onderaan. De waarde zit in het onafhankelijke werk dat eraan
voorafgaat. Bij de controle van de jaarrekening beoordeelt een accountant risicogericht
of de financiële informatie als geheel vrij is van afwijkingen van materieel
belang, door fouten of fraude. Daarvoor moet voldoende en geschikte
controle-informatie worden verzameld.
Dat is een
hoge mate van zekerheid, maar geen absolute zekerheid. Een accountant
controleert niet iedere factuur, iedere betaling en iedere transactie.
Werkzaamheden worden afgestemd op risico’s en materialiteit. Bovendien is
fraude per definitie lastiger te ontdekken dan een gewone fout. Wie fraudeert,
probeert immers juist controles te omzeilen of informatie te verhullen.
Daarom is
het belangrijk om goed te begrijpen wat een controleverklaring van een
accountant betekent. Een goedkeurende controleverklaring is geen garantie dat binnen een
organisatie nooit fraude is gepleegd. Het is ook geen algemeen keurmerk voor
het bestuur en geen voorspelling dat een onderneming financieel gezond zal
blijven. De verklaring heeft betrekking op specifieke financiële informatie en
op de werkzaamheden die de accountant daarop heeft uitgevoerd.
Bij een
vervalste verklaring speelt iets anders. Dan is er niet noodzakelijk iets
misgegaan tijdens de accountantscontrole; die controle kan eenvoudigweg nooit
hebben plaatsgevonden. Iemand gebruikt dan het gezag van een accountant zonder
dat die accountant de werkzaamheden heeft uitgevoerd. Daarmee wordt precies het
vertrouwen misbruikt waarop het systeem is gebouwd.
Dat verschil
is belangrijk. Een echte controleverklaring kan, ondanks een zorgvuldig
uitgevoerde controle, nooit honderd procent zekerheid bieden. Een valse
verklaring biedt helemaal geen zekerheid. Het document wekt alleen de indruk
dat een onafhankelijke professional naar de onderliggende informatie heeft
gekeken.
Opvallend
aan de zaak van de Arbeidsinspectie is hoe eenvoudig de vervalsing uiteindelijk
aan het licht kwam. De uitvoeringsorganisatie zag dat het genoemde
accountantsbureau niet meer bestond en nam rechtstreeks contact op met de
accountant. Zij ontkende onmiddellijk dat zij het rapport had opgesteld of voor
de opleider had gewerkt.
De zaak
heeft ook tot een concrete proceswijziging geleid. De uitvoeringsorganisatie
verifieert volgens de Arbeidsinspectie inmiddels standaard bij betrokken
externe accountants of zij daadwerkelijk werkzaamheden voor een
subsidieaanvrager hebben verricht. Dat lijkt een kleine administratieve stap,
maar raakt een fundamenteel punt: controleer niet alleen wat er in een
verklaring staat, maar ook of de verklaring werkelijk afkomstig is van degene
wiens naam erop staat.
Voor
organisaties die grote bedragen uitkeren of risico’s overnemen, ligt daar een
duidelijke les. Een verklaring kan op het eerste gezicht professioneel ogen en
toch vals zijn. Zeker wanneer miljoenen aan publieke middelen of garanties
afhankelijk zijn van zo’n document, is verificatie van de herkomst geen
overbodige formaliteit.
De
accountancysector heeft de afgelopen jaren zelf meer nadruk gelegd op fraude.
Bij wettelijke jaarrekeningcontroles moeten accountants sinds boekjaar 2022 in
de controleverklaring rapporteren over hun aanpak van frauderisico’s en
continuïteit. Dat maakt voor gebruikers beter zichtbaar waar de accountant naar
heeft gekeken en welke risico’s aandacht kregen.
Maar meer
tekst in een verklaring lost vervalsing niet op. De recente voorbeelden laten
juist zien dat er twee verschillende vragen naast elkaar bestaan. Ten eerste:
welke zekerheid biedt de uitgevoerde accountantscontrole? En ten tweede: hoe
weet de ontvanger dat die controle überhaupt is uitgevoerd door de accountant
die op het document staat?
Die tweede
vraag krijgt waarschijnlijk meer gewicht naarmate financiële verantwoording
verder digitaliseert. De zwakste schakel hoeft niet altijd de controle zelf te
zijn. Soms is het simpelweg de aanname dat een overtuigend ogend document ook
echt is.
De
belangrijkste les uit beide zaken is daarom verrassend eenvoudig: een
accountantsverklaring verdient vertrouwen vanwege het onderzoek erachter, niet
vanwege de handtekening eronder. Wie op het document vertrouwt, moet dus ook
kunnen vaststellen dat dat onderzoek daadwerkelijk heeft plaatsgevonden.
Redactionele bronnen (ter controle, niet noodzakelijk voor publicatie)
• Welingelichte Kringen, 26 augustus 2026: “Ondernemers frauderen massaal
met exportsubsidies. Staat voor honderden miljoenen het schip in.”
• Nederlandse Arbeidsinspectie, 21 augustus 2026: “1 valse handtekening
leidt tot flinke veroordeling.”
• Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA): uitleg
controleverklaring, redelijke mate van zekerheid en rapportage over
frauderisico’s.