De vijfde Tour de France Femmes trok een recordpubliek en eindigde met een Nederlandse eindzege. Toch verdeelde de organisatie nauwelijks meer geld dan vier jaar geleden. Eén mannenploeg verdiende in juli meer dan het complete vrouwenpeloton in augustus.
Marktaandeel bijna gelijk, portemonnee niet
Negen dagen koers, minimaal tweeënhalf uur live per dag op France 2, en een gemiddeld marktaandeel van 32,9 procent. Bij de mannen-Tour lag dat op 35,1 procent. Op de kijkersmarkt scheelt het dus nog geen drie procentpunt. In absolute bereikcijfers is de kloof groter: 23,2 miljoen Fransen keken minstens een minuut naar de vrouwen, tegen 45,6 miljoen naar de mannen. Dat is deels een kwestie van aanbod, want slechts één van de negen etappes werd integraal uitgezonden.
Op het marktaandeel scheelt het nog geen drie procentpunt. Op de bankrekening scheelt het een factor tien.
260.750 euro voor 21 ploegen
De totale prijzenpot van de Tour de France Femmes 2026 kwam uit op 260.750 euro, verdeeld over 21 ploegen. Bij de mannen ging ruim 2,3 miljoen euro rond. Eindwinnares Demi Vollering kreeg 50.000 euro voor het geel; Tadej Pogačar streek twee weken eerder 500.000 euro op. Precies een tiende, en dat percentage is sinds de herstart van de koers in 2022 nauwelijks bewogen.
De verhoudingen lopen door de hele uitslag heen. Een etappezege levert bij de vrouwen 4.000 euro op tegen 11.000 euro bij de mannen. De groene en de bolletjestrui – gewonnen door Lorena Wiebes en Puck Pieterse – zijn elk 3.000 euro waard, waar hun mannelijke collega's 25.000 euro krijgen.
Onderaan blijft het bij zakgeld
Vollerings ploeg FDJ United-SUEZ voerde het prijzengeldklassement aan met ruim 77.000 euro. Aan de andere kant van de lijst blijft er weinig over: zes ploegen verdienden minder dan duizend euro, VolkerWessels Cycling Team hield 250 euro over aan negen dagen koers en het Franse wildcardteam Mayenne Monbana My Pie ging met nul naar huis. Ter vergelijking: de slechtst verdienende mannenploeg incasseerde nog altijd een vijfcijferig bedrag.
Zes ploegen verdienden minder dan duizend euro. Eén ploeg reed negen dagen voor niets.
De kloof in cijfers
- Prijzenpot: 260.750 euro (vrouwen) tegen ruim 2,3 miljoen euro (mannen)
- Eindzege: 50.000 tegen 500.000 euro
- Etappezege: 4.000 tegen 11.000 euro
- Best verdienende ploeg: 77.080 tegen 832.750 euro
- Gemiddeld marktaandeel: 32,9 tegen 35,1 procent
Het argument van de organisatie
Organisator ASO wijst er steevast op dat de Tour de France Femmes al de rijkste wedstrijd van de vrouwenkalender is – wat klopt, en tegelijk vooral iets zegt over de rest van die kalender. De koers duurt negen in plaats van eenentwintig dagen en beslaat ongeveer een derde van de afstand. Dat verklaart een deel van het verschil, maar geen factor tien.
Ook de Franse sportminister Marina Ferrari hield de boot af: het is "een competitie die nog jong is" en die "haar eigen economische model moet vinden". Bij een recordmarktaandeel en een vijfde editie klinkt dat argument langzaam minder overtuigend.