Read more of this story at Slashdot.
Read more of this story at Slashdot.
Het apparaat dat in veel keukens ongemerkt het meeste stroom kost, is niet de koelkast of de oven, maar de kleine boiler of kokendwaterkraan die continu water op temperatuur houdt. Dat ogenschijnlijk onschuldige kastje onder het aanrecht kan jaarlijks meer verbruiken dan grote apparaten waar wél veel aandacht naartoe gaat.
Energiebedrijven noemen de zogeheten close‑in boiler – het kleine voorraadvat voor warm water bij het aanrecht – structureel als een van de grootste sluipverbruikers in huis. Hij verbruikt niet alleen stroom wanneer je warm water pakt, maar vooral doordat hij het water 24 uur per dag op temperatuur houdt.
Volgens Eneco loopt het verbruik van zo’n keukenboiler op tot circa 90 à 280 kWh per jaar, afhankelijk van inhoud en isolatie. Bij de huidige stroomprijzen kan dat al snel tientallen euro’s per jaar zijn, puur om paraat warm water te hebben.
De crux is sluipverbruik: energie die wordt gebruikt zonder dat je het merkt of actief iets doet. Voor oude of slecht geïsoleerde keukenboilers is dat sluipverbruik hoog, omdat warmte voortdurend weglekt en weer moet worden aangevuld.
Milieu Centraal wijst erop dat dit soort apparaten vaak buiten beeld hangt: in een kastje, altijd “aan” en zelden onderwerp van discussie bij het besparen. Tegelijkertijd zijn er inmiddels strengere Europese regels voor stand‑by‑verbruik, waardoor nieuwe apparaten vaak veel zuiniger zijn dan modellen van tien of vijftien jaar oud.
Wie wil snijden in die onzichtbare keukenpost kan een paar simpele stappen nemen. Denk aan een tijdschakelaar, de temperatuur een paar graden lager zetten of helemaal overstappen op een zuinigere oplossing, zoals een moderne kokendwaterkraan met goede isolatie of een centrale warmwatervoorziening.
Energiedeskundigen benadrukken dat juist dit soort sluipverbruikers samen een flink deel van de rekening kunnen bepalen. Eén klein kastje onder je aanrecht blijkt daarmee ineens een hoofdpersoon in het stille drama van je energierekening.
Radioloog en onderzoeker aan de universiteit van Utah Jeff Anderson: "Dit is een opwindend inzicht. Misschien zijn sommige hersenen in staat om gedurende korte periodes van de dag te verwezenlijken wat andere hersenen tijdens de slaap doen." Anderson legt uit dat het mogelijk is dat kortslapers herinneringen aanmaken terwijl ze wakker zijn. Daardoor hoeven ze 's nachts minder lang te slapen. Een andere mogelijke verklaring is dat de korte slapers overdag in slaap vallen zonder het te beseffen.
Wereldleiders en CEO's hebben er een handje van: functioneren op maar een paar uur slaap. Terwijl de gewone sterveling zich toch echt stukken beter voelt na minstens 7 uur slapen. Hoe dat kan, is een vraag die wetenschappers al jaren bezighoudt. Nu lijkt er een verklaring.
De meeste mensen krijgen door te weinig slaap last van prikkelbaarheid en een slechte concentratie. Bovendien hebben ze een verhoogd risico op chronische ziekten als een hoge bloeddruk, diabetes type 2, depressie, obesitas en bepaalde vormen van kanker. Kortslapers, mensen die minder dan 6 uur slapen, functioneren echter wel prima na een korte nachtrust.
Uit hersenscans bij 1.200 proefpersonen is gebleken dat kortslapers sterkere verbindingen hebben tussen de hippocampus, het gebied dat verantwoordelijk is voor de verwerking van de zintuiglijke informatie, en het geheugen.
Bron(nen): Het Laatste Nieuws
